Zeeslag

Beeldhouwer: Eric Claus
Materiaal: brons (Bronsgieterij Stijlaart, Rumpt)
Entree Sint Lievensmonstertoren, Kerkplein 2, Zierikzee
Onthuld in februari 1976


“Zeeslag”

voorzijde “Zeeslag”

achterzijde “Zeeslag”

informatiebord bij “Zeeslag”

“Zeeslag”
Zeeuws Archief, Beeldbank Schouwen-Duiveland nr. ZM 2912, 1976

schets voor het monument te Zierikzee
Museum De Fundatie, Zwolle en Heino/Wijhe, obj.nr. 0000003395

de Sint Lievensmonstertoren (“Dikke Toren”)


DE AANLEIDING
Van 1957 tot 1972 werd de Sint Lievensmonstertoren in Zierikzee, ook wel “Dikke toren” genoemd, gerestaureerd. De restauratiewerkzaamheden bestonden uit onder andere het ongedaan maken van de schade die was ontstaan door beschietingen door de Geallieerden in het laatste jaar van de Tweede Wereldoorlog (de Duitsers gebruikten de toren als uitkijkpost), het vervangen van de balustrade en de kap en het op oorspronkelijke hoogte brengen van de steunberen. Op de kap werd een windvaan geplaatst in de vorm van een schip. Ter afronding van de restauratie werd op kosten van de staat een plantsoen rond de kerk aangelegd.(1) 
Ten tijde van de restauratie was de Sint Lievensmonstertoren eigendom van de Rijksgebouwendienst. De restauratie werd geleid door ir. Henri (Hans) de Lussanet de la Sablonière (architect, Meppel, 26 mei 1907 – Doorn, 9 juli 2002). In het zicht van de afronding van de restauratie vatte De Lussanet de la Sablonière het plan op de lege begane grond van de Sint Lievensmonstertoren te verlevendigen met een sculptuur. Verder zou op de begane grond het overgebleven fragment worden geplaatst van de grafzerk van Levinus Lemnius (Lieven Lemse, schrijver en geneeskundige, Zierikzee, 20 mei 1505 – 1 juli 1568). Dr. Carel Maaijo van Hoorn, huisarts in Zierikzee, had zich hiervoor ingespannen.(2)

(1) Monumentenbezit: Sint Lievensmonstertoren; Wikipedia: Sint Lievensmonstertoren.
(2) PZC, 24 februari 1976; Zierikzeesche Nieuwsbode, 25 mei 1990. De Sint Lievensmonsterkerk waarin Levinus Lemnius was begraven, werd in 1832 door brand verwoest De toren liep geen brandschade op. Op de plek waar het kerkgebouw had gestaan werd, los van de toren, de Nieuwe Kerk gebouwd. Een fragment van de grafzerk van het graf van Levinus Lemnius bedekte jarenlang een waterput bij de Nieuwe Kerk. Op zeker moment is dit fragment opgeslagen achter het Burgerweeshuis in Zierikzee, om in 1976 te worden overgebracht naar de begane grond van de Sint Lievensmonstertoren, in afwachting van definitieve plaatsing. In de zomer van 1976 liep de grafzerk door omstoten ernstige schade op. De schade kon worden hersteld. De grafzerk werd niet teruggeplaatst in de Sint Lievensmonstertoren maar werd geplaatst op de binnenplaats van het stadhuis van Zierikzee (Zierikzeesche Nieuwsbode, 7 april 1978). Kort na deze plaatsing zou dr. Van Hoorn promoveren op zijn proefschrift over Levinus Lemnius. Op 29 mei 1978 onthulde hij het fragment (https://www.archieven.nl/nl, bijschrift bij foto ZM-3497). Later werd het fragment geplaatst in een ruimte onder de toren van het Stadhuismuseum in Zierikzee (Wikipedia: Levinus Lemnius).

OPDRACHT EN ONDERWERP
In de editie van 24 februari 1976 van de PZC (Provinciale Zeeuwse Courant) is bericht dat de Rijksgebouwendienst opdracht had gegeven een kunstwerk te ontwerpen voor de Sint Lievensmonstertoren.(1) In de editie van 25 mei 1990 van de Zierikzeesche Nieuwsbode is bericht dat “het rijk” de opdrachtgever was en dat de opdracht behelsde een sculptuur te ontwerpen ter verlevendiging van de begane grond van de Sint Lievensmonstertoren.(2) In het uit 1999 daterende bouwhistorisch rapport over de Sint Lievensmonstertoren is vermeld dat Eric Claus opdracht had gekregen een kunstwerk te ontwerpen voor het torenportaal. Wat het kunstwerk zou moeten uitbeelden, is niet gespecificeerd.(3) Naar de mening van KIJKEN NAAR BEELDEN blijkt uit dit alles dat de Rijksgebouwendienst de opdrachtgever was en dat in deze fase niet vaststond op welke gebeurtenis de sculptuur betrekking moest hebben.(4)
Volgens het artikel in de editie van 24 februari 1976 van de PZC herinnert de sculptuur, die de naam “Zeeslag” had gekregen, aan de slag in 1304 op de Gouwe tussen de Zeeuwen en de Vlamingen die als gevolg had dat het deel van Zeeland dat ten westen van de Schelde lag, definitief bij Holland kwam.(5)
Het artikel in de editie van 25 mei 1990 van de Zierikzeesche Nieuwsbode is geschreven door Wiebe Henricus Keikes (Leeuwarden, 27 januari 1922 – Zierikzee, 9 januari 1998), van 1968 tot 1987 gemeentearchivaris van Zierikzee en conservator van de musea in Zierikzee. Het artikel wekt de indruk dat de Rijksgebouwendienst niet had aangegeven op welke gebeurtenis de sculptuur betrekking moest hebben. Wiebe Keikes heeft bericht dat hij Eric Claus attent maakte op de zeeslag bij Zierikzee in 1304, toen de Vlamingen letterlijk in aanvaring kwamen met de Hollanders en de Zeeuwen, en dat Eric Claus op grond van de hem verstrekte documentatie “een indrukwekkende compositie in brons” ontwierp.(6)
Volgens andere bronnen heeft Eric Claus desgevraagd een beeldengroep ontworpen die aan schermutselingen herinnert tussen Watergeuzen en Spaanse soldaten ten tijde van het Beleg van Zierikzee (1575-1576). De beeldengroep zou vijf vissersschepen tonen, bewapend met kanonnen.(7)

(1) PZC, 24 februari 1976.
(2) Zierikzeesche Nieuwsbode, 25 mei 1990.
(3) Mededeling M. Lammers, historisch onderzoeker Stichting Monumentenbezit.
(4) Op het informatiebord bij “Zeeslag” is vermeld dat de gemeente Zierikzee Eric Claus opdracht had gegeven een beeld te maken van de slag om Zierikzee in 1304 op de Gouwe; het beeld moest in de Sint Lievensmonstertoren worden geplaatst. Uit de artikelen in de PZC en de Zierikzeesche Nieuwsbode blijkt dat de Rijksgebouwendienst de opdrachtgever was.
(5) PZC, 24 februari 1976.
(6) Zierikzeesche Nieuwsbode, 25 mei 1990.
(7) De uitvinding van het kanon dateert van na de Slag op de Gouwe. Om deze reden is op het informatiebord bij “Zeeslag” vermeld dat de uitbeelding van kanonnen op de schepen een dichterlijke vrijheid was van Eric Claus. Als “Zeeslag” herinnert aan een slag tussen Watergeuzen en Spaanse schepen tijdens het Beleg van Zierikzee (1575-1576) is de uitbeelding van de kanonnen een reële uitbeelding en geen dichterlijke vrijheid.

UITVOERING EN PLAATSING
In de zomer van 1975 was het wasmodel van de sculptuur voltooid. De bronsgieting vond plaats “in Thiel”.(1)
Een bronzen voorstudie van de sculptuur is op zeker moment verworven door dr. Dirk Hannema (Batavia, 16 september 1895 – Wijhe, 7 juli 1984), oprichter in 1957 van de Stichting Hannema-de Stuers Fundatie en in de 1970-er jaren directeur van Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam. De voorstudie maakt deel uit van de collectie van Museum De Fundatie, locatie Heino.(2)
Onder de naam “Zeeslag” is de sculptuur in februari 1976 geplaatst op de begane grond de Sint Lievensmonstertoren, tegen een witgekalkte achtergrond.(3)
Vandaag de dag hangt achter “Zeeslag” een groot panorama, Zierikzee in de middeleeuwen tonend. De voorzijde van “Zeeslag” wordt belicht met rode led-spots, waardoor de schepen een roestbruine tint krijgen. De achterzijde van “Zeeslag” is niet belicht.
De Sint Lievensmonstertoren, ook wel “Dikke Toren” genoemd, is bepaalde delen van het jaar geopend.(4)

(1) PZC, 24 februari 1976. KIJKEN NAAR BEELDEN vermoedt dat de gieting heeft plaatsgevonden bij bronsgieterij Stijlaart in Rumpt, een dorp in de omgeving van Tiel.
(2) Zierikzeesche Nieuwsbode, 25 mei 1990.
(3)PZC, 24 februari 1976. Het artikel gaat vergezeld van een foto van “Zeeslag”, volgens het bijschrift genomen in de entree van de Sint Lievensmonstertoren. Volgens sommige bronnen heeft “Zeeslag” ook tussen de Sint Lievensmonstertoren en de Nieuwe Kerk gestaan.
(4) Openingsdagen en -tijden: https://www.zierikzee-monumentenstad.nl/sint-lievensmonstertoren. De begane grond is gratis toegankelijk.

  ERIC CLAUS

Slag op de Gouwe (Slag om Zierikzee, 1304): zeeslag tussen een Frans-Hollandse vloot en een Vlaamse vloot op de Gouwe, de scheiding tussen het eiland Schouwen, waarop Zierikzee ligt, en de eilanden Duiveland en Dreischor. De slag, die plaatsvond op 10 en 11 augustus 1304, maakte een einde aan de in het voorjaar van 1304 begonnen belegering van Zierikzee door Vlaamse troepen.

Beleg van Zierikzee (1575-1576): beleg door Spaanse troepen van september 1575 tot juni 1576 met als doel de inwoners van Zierikzee uit te hongeren om zo de stad te veroveren. Pogingen van de Watergeuzen in het voorjaar van 1576 om Zierikzee over water te ontzetten, mislukten. Eind juni 1576 gaven de inwoners van Zierikzee zich over. In de maanden erna kregen de Spaanse soldaten geen soldij, wat in het najaar van 1576 tot muiterij leidde en hun vertrek uit Zierikzee. Troepen van Willem van Oranje namen de macht over.

Bron en verdere informatie:
https://www.geschiedenisextra.nl/nl/zierikzee.htm
.