De zeven werken van barmhartigheid

Beeldhouwer: Marijke A. Deege
Materiaal: reliëfs: brons; zuil: Balmoral graniets
Raadhuisplein, Ermelo, rechts van het gemeentehuis (sinds 31 mei 2022)
Onthuld op 14 december 1978 bij de ingang van het gemeentehuis, Raadhuisplein, Ermelo8


__________

het kleden van hen die naakt zijn

het eten geven aan hen die honger hebben

het drinken geven aan hen die dorst hebben

het bieden van onderdak aan vreemdelingen

het bezoeken van hen die ziek zijn

het bezoeken van hen die opgesloten zijn in de gevangenis

het begraven van de doden


De Balmoral granieten zuil met daarop zeven bronzen reliëfs, de zeven werken van barmhartigheid uitbeeldend, is op 14 december 1978 onthuld bij het nieuw gebouwde gemeentehuis in Ermelo, dat op die dag werd geopend door Z.K.H. Prins Bernhard. Marijke A. Deege had gekozen voor het uitbeelden van de werken van barmhartigheid “omdat de gemeente Ermelo aan velen huisvesting verleent, die in de aanwezig zijnde ziekenhuizen, verpleeginrichtingen en stichtingen een goede verzorging vinden”.(1)
Toen in de 2020-er jaren het nabijgelegen Theater De Dialoog werd verbouwd, moest “De zeven werken van barmhartigheid” worden verplaatst naar een plek rechts van het gemeentehuis. Daar werd de zuil met reliëfs op 31 mei 2022 her-onthuld door Hans de Haan, wethouder in Ermelo, en Marijke A. Deege. De onthullingshandeling bestond uit het verwijderen van een rode doek waarmee de zuil was omwikkeld.(2)

Noot
(1) Reformatorisch Dagblad, 21 oktober 1978
, https://www.ermelosezaken.nl
(2) https://www.gld.nl, 1 juni 2022

  MARIJKE A. DEEGE

De zeven werken van barmhartigheid: christelijk begrip. In aanvang waren er zes werken van barmhartigheid, ontleend aan Matteüs 25,31-46, waarin Jezus, het Laatste Oordeel besprekend, zich beschrijft als degene die schuilgaat achter armen en behoeftigen. De zes werken van barmhartigheid die Hij noemde, zijn: het geven van kleding aan hen die naakt zijn, het eten geven aan hen die honger hebben, het drinken geven aan hen die dorst hebben, het bieden van onderdak aan vreemdelingen, het bezoeken van hen die ziek zijn en het bezoeken van hen die zijn opgesloten in de gevangenis.
In 1207 kondigde paus Innocentius III af dat het begraven van doden het zevende werk van barmhartigheid was. Hij zou zich hierbij hebben gebaseerd op de strekking van Tobit 1:17. In de tijd van Innocentius III was het begraven van doden een riskant werk.
(1)

Noot
(1) ermelosezaken.nl: de zeven werken van barmhartigheid