Troelstra monument

Beeldhouwer: Piet Esser; architect: ir. Jan Willem Eduard Buijs
Materialen:

beelden: brons (Binder Bronsgieterij, Haarlem);
poort: trilbeton (NV Hollandse Beton Maatschappij, Den Haag)
Westbroekpark, Den Haag, voorbij ingang Cremerweg
Onthuld op 13 mei 1953


__________

__________

.


HET INITIATIEF
Op 19 april 1947, daags voor de geboortedag van mr. P.J. Troelstra, werd bericht dat het bestuur van de Partij van de Arbeid een comité had opgericht onder voorzitterschap van ir. Johan Willem Albarda, lid van de Raad van State, met als doel een gedenkteken voor mr. Troelstra op te richten. De partij wilde hiermee de herinnering levend houden aan de verdiensten van mr. Troelstra voor het verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog, de partij en de democratie in het algemeen. Tot de leden van het comité hoorden onder andere dr. Willem Drees, minister van Sociale Zaken, en dr. Hendrik Enno van Gelder, directeur van het Haags Gemeentemuseum.(1)

DE OPDRACHT
Op 8 april 1949 werd bericht dat het comité, dat inmiddels ruim f 70.000 had ingezameld, Piet Esser opdracht had gegeven een schetsontwerp te maken. Tevens werd bericht dat het comité de gemeente Den Haag had verzocht toestemming te geven voor de plaatsing van het monument in de Scheveningse Bosjes. Met het oog op een eventuele plaatsing bij de nabijgelegen Wittebrug van een verzetsmonument, ontworpen door Willem Dudok, hield de gemeente Den Haag het verzoek aan. Verder werd bekend dat het comité Titus Leeser had uitgenodigd een borstbeeld van mr. Troelstra te ontwerpen, bestemd voor de Tweede Kamer.(2)
Het monument dat Piet Esser ontwierp, bestond uit een betonnen poort met in de poort een beeld van mr. Troelstra en op de poort een groep arbeiders. Mr. Troelstra was lopend uitgebeeld, naar voren tredend, de nieuwe wereld in.(3) De poort markeerde de grens tussen de oude en de nieuwe wereld. Door het ontwerp van de poort, zonder loodlijnen, zou het monument volgens Esser de eerste landschapssculptuur in Nederland zijn.(4) De poort was ontworpen door ir Jan Willem Eduard Buijs, architect.
In de loop van 1950 kwamen de gipsmodellen gereed.(5)

VERGROTING VAN DE GIPSMODELLEN
Op 19 oktober 1951 werd bericht dat de gipsontwerpen, die op halve grootte waren, naar Roger Bousquet in Parijs zouden worden verzonden, waar ze vergroot zouden worden. Piet Esser was van mening dat het, vanwege de ervaring van Bousquet, het beter was de vergroting door hem te laten uitvoeren. Het beeld van mr. Troelstra zou vergroot worden tot een hoogte van 3 meter, de beeldengroep tot een hoogte van 2.80 meter.(6) De beelden werden in delen vergroot.(7)

VOORBEREIDING VAN DE PLAATSING
Op 14 juli 1952 werd bericht dat het comité het gemeentebestuur van Den Haag om medewerking had verzocht bij het oprichten van het monument voor mr. Troelstra. Het comité wilde het monument plaatsen in het Westbroekpark nabij de Cremerweg. De kosten van de betonnen fundering waarop het monument zou moeten worden geplaatst, werden begroot op f 6.480,-. Het comité wilde hiervan f 5.000,- voor rekening nemen. De kosten van werkzaamheden ten behoeve van plaatsing werden begroot op f 17.020,- en zouden voor rekening van de gemeente Den Haag moeten komen. De Haagse gemeentelijke commissie voor de kunstopdrachten had haar goedkeuring aan het monument gegeven. Het gemeentebestuur was van mening dat het monument moest worden aanvaard en stelde de gemeenteraad in te stemmen met de voor dit monument benodigde kredieten.(8) Op 22 juli 1952 stemde de gemeenteraad van Den Haag in met het kredietvoorstel.(9) In een groot aantal kranten werd hier aandacht aan besteed. Opvallend in de berichtgeving hierover was een kritische noot in het Eindhovens dagblad, 23 juli 1952, waarin een lid van de KVP (Katholieke Volks Partij), instemde met de oprichting van een monument voor de mens Troelstra en, het monument, ontworpen door Piet Esser, bestempelde als een monument van een partijbeschouwing.(10)
Op 3 maart 1953 werd bericht dat de betonnen poort werd opgetrokken.(11) Op 20 april 1953 werd bericht dat het monument op 13 mei 1953 zou worden onthuld. De onthullingsbijeenkomst zou geleid worden door ir. Albarda; Jacobus Jan (Koos) Vorrink, voorzitter van de Partij van de Arbeid, zou het monument overdragen aan de gemeente Den Haag. Het was nog niet bekend wie de feitelijke onthulling zou verrichten.(12) 
In de avond van 1 mei 1953 (1 mei: Dag van de arbeid) besteedde de socialistische radio- en televisieomroep VARA, door de Katholieke Radio Omroep in de gelegenheid gesteld om de avonduitzending te verzorgen, aandacht aan het Troelstra monument. De omroep zond een interview met Piet Esser uit en in de uitzending waren voorstudies van het monument te zien.(13)
Op 2 mei 1953 waren de bronzen uitvoeringen van het beeld van mr. Troelstra en de beeldengroep van arbeiders voltooid.(14)

DE ONTHULLING
Op 13 mei 1953 werd het Troelstra monument onder grote belangstelling onthuld. De onthulling werd muzikaal omlijst met muziek en liederen. De onthulling werd bijgewoond door onder andere de weduwe en kinderen van mr. Troelstra, een aantal ministers waaronder minister Drees, de voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer, een groot aantal Kamerleden, de Haagse burgemeester Schokking en een aantal wethouders en verder afvaardigingen van de NVV, de VARA en een aantal dagbladen. Onder de aanwezigen waren ook Piet Esser en diens echtgenote, J. Buys, een afvaardiging van de Hollandse Beton Maatschappij en bronsgieter Binder. Koos Vorrink was door ziekte verhinderd, zijn plaats werd ingenomen door ir. H. Vos, vicevoorzitter van de Partij van de Arbeid.
De onthullingsbijeenkomst werd ingeluid met bazuingeschal. In zijn openingstoespraak zei ir. Albarda dat Piet Esser erin was geslaagd mr. Troelstra te tonen in diens grote activiteit. De wereld waarin hij binnenstapt, verwijdt zich. De beeldengroep arbeiders boven op de poort beeldt uit hoe de arbeidersklasse uit onderworpenheid is opgerezen tot wilskracht. De onthulling werd verricht door de dertienjarige Frans Zwerver, lid van de AJC (Arbeiders Jeugd Centrale), die het doek weghaalde dat over het monument hing, terwijl de zestienjarige Ineke Winkel, eveneens lid van de AJC, een krans legde bij het monument. De organisatie had voor hen gekozen omdat mr. Troelstra zijn hoop had gevestigd op de AJC. Na de onthulling ging ir. Vos in een toespraak in op het leven en werk van mr. Troelstra, waarna hij het monument overdroeg aan de gemeente Den Haag. De onthullingsbijeenkomst werd afgesloten met het zingen van het lied “Morgenrood”.(15)
In tal van landelijke en regionale dagbladen is aandacht besteed aan de onthulling.

VARIA
Schuin rechts voor het monument is een stenen blok geplaatst waarop met vergulde letters de naam PIETER JELLES TROELSTRA is aangebracht en met vergulde Romeinse cijfers zijn geboortejaar en jaar van overlijden.
Bij het monument wordt jaarlijks op 1 mei de Dag van de Arbeid gevierd.

Noten
(1) Het Parool, 19 april 1947, Nieuw Utrechtsch dagblad, 19 april 1947
(2)
Het vrije volk, 8 april 1949

(3) Het vrije volk,14 juli 1952
(4)
Piet Esser – Beeld van een mens, beeld van een tijd (Deventer, 2010, p.75)
(5) Piet Esser – Beeld van een mens, beeld van een tijd (Deventer, 2010, p.58-59)
(6) Het Binnenhof, 15 juli 1952
(7) Het Parool, 3 mei 1952
(8) Het Vaderland, 14 juli 1952; Nieuwe provinciale Groninger courant, 15 juli 1952
(9) De Telegraaf, 22 juli 1952
(10) Eindhovensch dagblad, 23 juli 1952
(11) Het Parool, 3 maart 1953
(12) Het Binnenhof, 20 april 1953
(13) De Volkskrant, 2 mei 1953
(14) De tijd, 2 mei 1953
(15) Het vrije volk, 13 mei 1953

  PIET ESSER

Pieter Jelles Troelstra (Leeuwarden, 20 april 1860 – Den Haag, 12 mei 1930): Nederlands advocaat, journalist en politicus. In 1900 heeft hij samen met anderen de SDAP (Sociaal Democratische Arbeiderspartij) opgericht. Op 9 februari 1946 gingen de de SDAP, de Christelijk-Democratische Unie en de Vrijzinnig Democratische Bond, op in de PvdA (Partij van de Arbeid).