Ontwerp en uitvoering: Antoon Molkenboer
Materialen: beton, Venetiaans glasmozaïek
Frederik Hendrikplein, Den Haag
Onthuld op 25 juli 1936

.
DE AANLEIDING
Het fonteinmonument “Monument Albert Vogel sr.” is opgericht naar aanleiding van het overlijden op 8 november 1933 van de woordkunstenaar Albert Vogel sr., oprichter en voorzitter van de Maatschappij tot Bevordering van Woordkunst en een persoon van nationaal en internationaal aanzien. Op 7 maart 1935 werd in een groot aantal dagbladen in Nederland en Nederlands-Indië bericht dat vrienden en bewonderaars van Albert Vogel sr. het comité “Gedenkteeken Albert Vogel” in het leven hadden geroepen dat zich ten doel had gesteld om ter herinnering aan hem een borstbeeld of plaquette te plaatsen in een daartoe geschikt stadsdeel in Den Haag. Naar de mening van het comité was Albert Vogel van betekenis geweest voor de Nederlandse cultuur. Het comité stond onder voorzitterschap van kol. jhr. Jules Theodore Alting van Geusau, evenals Albert Vogel sr. leraar aan de Hoogere Krijgsschool. Albert van den Hooghte, lid van het hoofdbestuur van de Maatschappij tot Bevordering van Woordkunst, was secretaris. Mr. A.E.C. de Groot van Embden, directeur van bijkantoor Bezuidenhout van de Rotterdamsche Bankvereeniging, was penningmeester. Het gemeentebestuur van Den Haag had met het streven van het comité ingestemd. Krantenberichten over de oprichting van het comité gingen vergezeld van een oproep een financiële bijdrage te geven.(1)
(1) Zie onder andere Algemeen Handelsblad, 7 maart 1935, De Telegraaf, 7 maart 1935, De Tijd, 7 maart 1935.
DE PRESENTATIE
Op 23 oktober 1935 en de dagen erna werd in een groot aantal dag- en avondbladen bericht dat Antoon Molkenboer in opdracht van het comité Gedenkteeken Albert Vogel een fonteinmonument had ontworpen en uitgevoerd. Gaandeweg de maanden was het comité tot de conclusie gekomen dat het monument gewijd moest zijn aan het woord dat Albert Vogel had gediend en aan de door hem opgerichte Maatschappij tot Bevordering van Woordkunst. Het comité vond een fontein hiervoor meer geschikt dan een borstbeeld.(1) Van 26 tot en met 29 oktober 1935 was het monument, werkend en wel, tentoongesteld in het atelier van Antoon Molkenboer aan de Bleyenburg 18 in Den Haag.(2) De opening van de tentoonstelling werd bijgewoond door de voorzitter van de Haagsche Kunstkring, enkele leden van de Maatschappij tot Bevordering van Woordkunst, vrienden van Albert Vogel sr. en kunstschilders. Jhr. Alting van Geusau gaf aan dat er nog niet voldoende geld beschikbaar was voor de realisatie van het monument; giften waren van harte welkom. Jhr. Alting van Geusau deelde ook mee dat het monument in het Frederik Hendrikplantsoen zou worden geplaatst bij de Aert van der Goesstraat. De omringende beplanting en vijver zouden worden aangelegd en verzorgd door de gemeente Den Haag.(3)
In sommige dag- en avondbladen werd bericht over de uitvoering van het monument. Bij het ontwerpen ervan had Antoon Molkenboer zich laten inspireren door de dichtregel “O, wond’re macht van ’t Woord vol Majesteit” van Joost van den Vondel. Deze dichtregel is aangebracht aan de onderzijde van het voetstuk waarop de zuil staat. De mensfiguur aan de voorzijde van de zuil houdt in de linkerhand een staf met bloemen omhoog en wijst met de rechterhand naar boven. Volgens sommige berichten is deze mensfiguur een vrouwenfiguur die als Griekse woordkunstenares kan worden gezien. Volgens andere berichten stelt deze mensfiguur een engel voor die het licht grijpt. Uit een sproeier op de top van het monument stroomt water over het monument, daarmee de woordenstroom symboliserend die Albert Vogel sr. uitstortte. De stroom water dient verder ter accentuering van de kleuren van de mozaïeksteentjes. Dit water zou, samen met water uit drie spuiters onderaan de zuil van het monument, in een bassin stromen. Op de rand van het bassin was in mozaïeksteentjes het opschrift AAN ALBERT VOGEL 1874-1933 aangebracht. Het plan bestond om in het bassin visjes uit te zetten.(4)
De achterzijde van het monument is kaal, niet gedecoreerd met mozaïeksteentjes.
(1) De Telegraaf, 29 oktober 1935
(2) Zie onder andere Algemeen Handelsblad, 23 oktober 1935, Haagsche Courant, 23 oktober 1935, De Telegraaf, 23 oktober 1935. De tentoonstelling werd verlengd tot en met 3 november 1935 (De avondpost, 29 oktober 1935)
(3) Het Vaderland, 27 oktober 1935, De Telegraaf, 29 oktober 1935
(4) Het Vaderland, 26 oktober 1935, De Telegraaf, 29 oktober 1935, Statenkoerier, augustus 1994
PLAATSING EN ONTHULLING
Op 15 februari 1936 werd bericht dat tijdens de raadsvergadering van 24 februari 1936 het voorstel behandeld zou worden om het comité Gedenkteeken Albert Vogel toestemming te geven het monument in het plantsoen van het Frederik Hendrikplein te plaatsen. Het voornemen van het comité, ondersteund door het gemeentebestuur, was dat het monument zou worden geplaatst nabij de samenkomst van de Antonie Heinsiusstraat en de Aert van der Goesstraat. De Schoonheidscommissie van de gemeente Den Haag was van mening dat het monument aan de noordhoek van het Frederik Hendrikplein beter tot zijn recht zou komen. Volgens sommige artikelen zouden de mozaïeksteentjes dan minder te lijden hebben onder het zonlicht. Het gemeentebestuur was van mening dat plaatsing aldaar vanwege onder andere de nabijheid van een tram-mast niet goed zou zijn.(1) De gemeenteraad ging akkoord met het voorstel van het gemeentebestuur het monument te plaatsen nabij de samenkomst van de Antonie Heinsiusstraat en de Aert van der Goesstraat.(2)
Op 21 juli 1936 en de dagen erna werd bericht dat “Monument Albert Vogel sr.” op 25 juli om 15.00 uur zou worden onthuld door het comité Gedenkteeken Albert Vogel en vervolgens aan het gemeentebestuur van Den Haag zou worden overgedragen.(3) De onthulling op 25 juli 1936 werd bijgewoond door onder andere de weduwe, Albert Vogel jr., de zoon en verdere familie van Albert Vogel sr. Ook Antoon Molkenboer was bij de onthulling aanwezig. De onthulling werd verricht door Albert Vogel jr. De onthullingshandeling bestond uit het weghalen van een doek die over het monument was gehangen. In zijn toespraak zei jhr. Alting van Geusau onder andere dat gekozen was voor plaatsing in het plantsoen van het Frederik Hendrikplein omdat Albert Vogel sr. daar zo vaak had gewandeld. Jhr. Alting van Geusau beschreef Albert Vogel sr., als een woordkunstenaar bij de gratie Gods, welsprekend en met majestueuze gebaren, wat de aanleiding was geweest voor het gebruik van de dichtregel van Vondel. Na zijn toespraak droeg jhr. Alting van Geusau het monument over aan Louis Feber, wethouder volkshuisvesting in Den Haag.
Volgens de afdeling Monumentenzorg van de gemeente Den Haag is “Monument Albert Vogel sr.” is niet alleen een herinnering aan het werk van Albert Vogel sr. maar ook een verwijzing naar enerzijds de nauwe band tussen Den Haag en Nederlands-Indië en de onderlinge uitwisseling op cultureel gebied, en anderzijds de nauwe band van de familie Vogel-Couperus met de Indische Archipel.(5) In de voor dit artikel geraadpleegde krantenartikelen zijn deze aspecten niet ter sprake gebracht.
(1) Haagsche courant, 15 februari 1936
(2) Haagsche courant, 25 februari 1936
(3) Zie onder andere Haagsche courant, 21 juli 1936
(4) Het Vaderland, 26 juli 1936, De Tijd, 26 juli 1936, De Standaard, 27 juli 1936
(5) https://www.monumentenzorgdenhaag.nl. De band tussen Albert Vogel sr. en Nederlands-Indië is beschreven in Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse letterkunde, 1983
Albert Vogel sr. (Louis Albert Anthing Vogel, Bergen op Zoom, 18 juni 1874 – Den Haag, 8 november 1933): voordrachtskunstenaar en publicist. Als voordrachtskunstenaar was hij in Nederland en ver daarbuiten (China, Japen, Verenigde Staten) bekend. In 1920 werd hij benoemd tot privaatdocent in de welsprekendheid aan de Universiteit Leiden en de Universiteit Utrecht. In 1926 richtte hij de Maatschappij tot Bevordering van Woordkunst op. Van 1926 tot 1931 was hij voorzitter van de Haagsche Kunstkring. In 1931 verscheen van zijn hand het werk “Rhetorica – basis der welsprekendheid”.
Bron en verdere informatie:
– https://nl.wikipedia.org/wiki/Albert_Vogel_sr.