Oorlogsmonument

Beeldhouwer: Auke Hettema
Materiaal: brons

Prinsentuin, Leeuwarden
Onthuld op 4 mei 1955



ONTSTAANSGESCHIEDENIS
De ontstaansgeschiedenis van het door Auke Hettema voor Leeuwarden ontworpen “Oorlogsmonument” gaat terug tot begin januari 1951, toen in Leeuwarden een comité werd gevorm dat zich tot doel had gesteld een monument op te richten waarbij op 4 mei (Dodenherdenking) en 5 mei (Bevrijdingsdag) herdenkingen konden worden gehouden.(1)
Op 2 oktober 1951 nam Auke Hettema, geboren in Leeuwarden, in Amsterdam, waar hij woonde en werkzaam was, de gouden medaille van de Prix de Rome in ontvangst, als bekroning van zijn ontwerp van een beeldengroep ter nagedachtenis aan een beroemde oogarts, dat geplaatst zou worden in de tuin van de Spinozakliniek in Amsterdam. De beeldengroep moest uit twee mensfiguren bestaan: een hulpeloze, blinde mens en een ziende mens. Auke Hettema heeft een beeldengroep ontworpen, bestaande uit twee mansfiguren. De naam van de beeldengroep is: “De blinde”. De voorste mansfiguur beeldt de blinde uit. Zijn ogen zijn gesloten, zijn armen zijn gestrekt met de handpalmen naar beneden. De achterste mansfiguur staat rechts achter de voorste mansfiguur en leidt de voorste mansfiguur.(2)
Vanwege het feit dat hij de Prix de Rome had gewonnen, vroeg het comité voor het Leeuwarder oorlogsmonument Hettema een oorlogsmonument te ontwerpen.(3) Op 5 februari 1952 werd bekend dat Hettema na terugkomst uit het buitenland een ontwerp zou tonen.(4) In de editie van 17 april 1952 van de Leeuwarder Courant verscheen een artikel, waaruit bleek dat Hettema het gipsontwerp van het monument had voltooid. Met dit ontwerp wilde hij het effect van de oorlog op de bevolking van Leeuwarden tot uiting brengen. Het artikel ging vergezeld van een foto van het ontwerp: een beeldengroep, bestaande uit twee achter elkaar staande mansfiguren. De voorste mansfiguur deinst achterover en leunt met zijn lichaam en zijn uitgestrekte linkerarm tegen de achterste mansfiguur, op die manier de verbijstering en verslagenheid bij de Duitse inval symboliserend. De achterste mansfiguur staat links achter de voorste mansfiguur. Zijn lichaamshouding (rechtop staande) is symbool voor het opkomend verzet en het uitzicht op de bevrijding.
De overeenkomst tussen “De blinde” en het oorlogsmonument is dat de achterste mansfiguur de voorste mansfiguur steunt. Of Hettema bij het ontwerp van het oorlogsmonument teruggegrepen heeft of voortgeborduurd heeft op “De blinde”, is een vraag die ik bij gebrek aan informatie niet kan beantwoorden.
De beeldengroep zou worden uitgevoerd in brons (hoogte: 2.10 meter) en op een natuurstenen voetstuk worden geplaatst (hoogte: ca 1 meter). De inwoners van Leeuwarden zou gevraagd worden een tweeregelige spreuk te bedenken die in het voetstuk zou worden gehakt. De kosten van het monument werden begroot op f 16.000. Onder de inwoners van Leeuwarden zouden inzamelingsacties worden gehouden. De planning was dat het monument binnen twee jaar, dus uiterlijk 1954, zou worden geplaatst. Als plaats had men de Prinsentuin in gedachten, te weten de plek waar vroeger een koepel had gestaan.(5)

BEZWAREN TEGEN DE ARTISTIEKE WAARDE EN DE BEOOGDE PLEK
In de editie van 3 mei 1952 van de Leeuwarder Courant verscheen een ingezonden brief van een zekere C.J. van Dijk die, naar eigen zeggen namens velen, in niet mis te verstane bewoordingen zijn ergernis uitte over het monument. Van Dijk vond het plaatsen van een monument een modeverschijnsel. Het ontwerp van Hettema bestempelde hij als een plastisch wanproduct, het geld dat met het monument zou zijn gemoeid, zou beter aan oorlogsslachtoffers kunnen worden besteed. Naar aanleiding van de foto in de editie van 17 april 1952 van de Leeuwarder Courant schreef Van Dijk dat het monument een dronken mannetje uitbeeldde, gestut door een zoutpilaar. Het comité moest zich nog maar eens op de zaak bezinnen.(6) Tot een polemiek in de Leeuwarder Courant is het niet gekomen.
In de loop der tijd rezen bezwaren tegen plaatsing in de Prinsentuin. De gekozen plek was niet geschikt voor grootschalige herdenkingen, de takken van de bomen zouden het monument aan het zicht onttrekken en vogels in de bomen zouden met hun uitwerpselen het monument bevuilen. Desgevraagd had Hettema een plaatsing in de verderop gelegen Arendstuin gesuggereerd.(7)
In de editie van 2 december 1954 van de Friese Koerier werd bekendgemaakt dat het oorlogsmonument van Hettema in de avond van 4 mei 1955 zou worden onthuld. De beeldengroep zou een hoogte van 2.35 meter hebben; de hoogte van het natuurstenen voetstuk zou 1.40 meter zijn. Het comité had inmiddels een prijsvraag uitgeschreven voor een tekst die in het voetstuk zou worden gehakt. Er was nog geen tekst bekend. Volgens de Friese Koerier waren er veel bezwaren gerezen tegen plaatsing van het monument in de Prinsentuin. Bij de gemeenteraad was nog geen alternatief ingediend.(8)

PLAATSING EN ONTHULLING
Het oorlogsmonument is uiteindelijk toch in de Prinsentuin geplaatst. Op 26 april 1955 werd het 4.000 kg wegende voetstuk geplaatst; de dag erna bracht Auke Hettema eigenhandig de tekst aan. De planning was dat de beeldengroep een week later, op 2 mei, op het voetstuk zou worden geplaatst en op 4 mei zou worden overgedragen aan de gemeente Leeuwarden.(9) Uit de editie van 4 mei 1955 van de Leeuwarder Courant blijkt dat de beeldengroep op 3 mei op het voetstuk was geplaatst. Het artikel waarin dit bekend werd gemaakt, ging vergezeld van een foto van de bronzen beeldengroep. In dit artikel werden ook de twee (niet één) inscripties kenbaar gemaakt: WOL FORBÛKE, NET FORSLEIN (vert.: wel kapot, niet verslagen) en KLOEK VERZET SCHRAAGDE ‘T ONTSTELDE VOLK. Zeker uit de Nederlandstalige inscriptie blijkt wat Hettema met dit monument tot uiting heeft willen brengen.(10) Verder is op het voetstuk de periode 1940-1945 vermeld.
In de middag van 4 mei 1955 droeg mr. J. van der Schaaf, voorzitter van het comité Oorlogsmonument, het monument over aan de gemeente Leeuwarden, waarna het werd onthuld door Adriaan Anne Marie van der Meulen (Schoterland, 5 februari 1901 – Leeuwarden, 10 oktober 1993), burgemeester van Leeuwarden, die de Friese vlag wegtrok waarin het monument was gehuld.(11)

HET GIPSONTWERP EN DE UITEINDELIJKE BRONZEN UITVOERING
Tussen het gipsontwerp (1952) en de uiteindelijke bronzen uitvoering (1955) zijn er verschillen. De gezichten van de uiteindelijke bronzen uitvoering hebben ogen, oren, monden en neuzen, in tegenstelling tot de gezichten van het gipsontwerp. De voorste mansfiguur leunt minder duidelijk tegen de achterste mansfiguur dan in het gipsontwerp; zijn linker arm is gebogen, de hand rust op zijn linker heup. De linker arm van de achterste mansfiguur is gestrekt en niet gebogen, zoals in het gipsontwerp. Een ander opvallend verschil is dat er een Friese en een Nederlandstalige spreuk in het voetstuk is aangebracht, waar men aanvankelijk één spreuk voor ogen had.

2018: “LÂN FAN TAAL”
In 2018 was Leeuwarden de Culturele hoofdstad van Europa. Eén van de projecten die werden georganiseerd, was het project “Lân fan taal”. In het kader van dit project werd in 2018 rechts van het monument een rode ombouw geplaatst, bijna net zo hoog als het monument. Tekst, foto’s en uitleg op de ombouw nodigden de jeugd van Leeuwarden uit om naast de ombouw op het spreekgestoelte plaats te nemen en kenbaar te maken waartegen zij protest aantekenden.(12)

Noten
(1) Leeuwarder Courant, 5 januari 1951
.
(2) Leeuwarder Courant, 3 oktober 1951. Zie https://prixderome.nl/jaar/1951/ voor een foto van deze beeldengroep.
(3) https://www.buitenbeeldinbeeld.nl/Nederland/HettemaAuke.htm.
(4) Leeuwarder Courant, 5 februari 1952.
(5) Leeuwarder Courant, 17 april 1952.
(6) Leeuwarder Courant, 3 mei 1952.
(7) Leeuwarder Courant, 2 oktober 1954.
(8) Friese Koerier, 2 december 1954.
(9) Leeuwarder Courant, 27 april 1955.
(10) Leeuwarder Courant, 4 mei 1955.
(11) Leeuwarder Courant, 6 mei 1955.
(12) https://www.buitenbeeldinbeeld.nl/Nederland/HettemaAuke.htm.

  AUKE HETTEMA