Naamvariant: “De twee zwervers”
Beeldhouwer: Jan van Luijn
Materiaal: brons
Molenplantsoen, IJsselstein
Onthuld op 29 september 1962

__________

.
HET INITIATIEF
In een artikel in de editie van 29 november 1962 van Zenderstadnieuws is over “Sjef en Jochem, twee zwervers” geschreven dat de beeldengroep is ontworpen op initiatief van mr. Johannus Jacobus Abbink Spaink (Apeldoorn, 7 september 1897 – Utrecht, 19 oktober 1964), burgemeester van IJsselstein.(1) Het was bedoeld als afscheidsgeschenk aan de gemeente IJsselstein.(2)
Abbink Spaink was van 1929 tot 1943 en van 1945 tot 1962 burgemeester van IJsselstein. Hij was een sociaal bewogen mens, die zich met hart en ziel inzette voor de gemeente IJsselstein en haar inwoners. Onder zijn burgemeesterschap werd na de Tweede Wereldoorlog het uitbreidingsplan Nieuwpoort uitgevoerd en werden tal van problemen in de openbare voorzieningen aangepakt. Abbink Spaink was alom geliefd en kreeg vele blijken van waardering, waaronder de gemeentelijke erepenning van IJsselstein en de benoeming tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau. In 1948 werd in IJsselstein een straat naar hem vernoemd.(3)
In de laatste jaren van zijn burgemeesterschap kampte Abbink Spaink met gezondheidsproblemen. In september 1962, bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd, werd hem eervol ontslag verleend. Op 29 september van dat jaar nam Abbink Spaink afscheid van IJsselstein. Het was een groots afscheid met tal van activiteiten die de gehele dag duurden tot in de avond toe. Er waren veel toespraken en blijken van waardering. De inwoners van IJsselstein boden Abbink Spaink en zijn echtgenote als afscheidsgeschenk een Daffodil aan.(4)
“SJEF EN JOCHEM, TWEE ZWERVERS”
De beeldengroep “Sjef en Jochem, twee zwervers” is een uitbeelding van Chef en Jochem, de hoofdpersonen in de bedelaarsroman De Kleine Wereld (Herman de Man, Amsterdam, 1932), twee oude zwervers die in het gebied tussen Lopik en IJsselstein hun kostje bij elkaar bedelden.
In Jan van Luijn Beeldhouwer heeft Peter van Aarnhem over “Sjef en Jochem, twee zwervers” geschreven dat Van Luijn het beschouwend karakter van Sjef en het actieve karakter van Jochem heeft willen uitbeelden.(5)
De romanfiguren Chef en Jochem hebben echt bestaan. Hun werkelijke namen waren Piet Bokketouw (het alias van Pieter Abraham Meijer, Groningen, 21 november 1876 – Utrecht, 17 december 1949), en Klaasje Kroon.(6) Piet Bokketouw woonde van 17 februari 1920 tot 13 februari 1949 in IJsselstein. Van Klaasje Kroon zijn geen geboorte- en overlijdensgegevens bekend.
Het is niet duidelijk welk beeld het beeld van Sjef is en welk beeld het beeld van Jochem.(7) In het artikel “Piet Bokketouw – een zwerver” is Piet Bokketouw beschreven als een vrolijke oude man met petje, sik en wandelstok.(8) De linker mansfiguur van “Sjef en Jochem, twee zwervers” toont een man met een hoofddeksel; het hoofd van de rechter mansfiguur lijkt te worden bedekt met een capuchon.
Burgemeester Abbink Spaink heeft Piet Bokketouw en Klaasje Kroon persoonlijk gekend, mede door het feit dat als de twee bedelaars het niet konden redden, ze een ruit van het stadhuis ingooiden in de hoop in de cel te belanden en te eten te krijgen.(9) Op de begrafenis van Piet Bokketouw heeft burgemeester Abbink Spaink een toespraak gehouden. De wandelstok van Piet Bokketouw die hem als aandenken werd overhandigd, maakt nu deel uit van de collectie van Museum IJsselstein.(10)
Uit dit alles kan worden geconcludeerd dat “Sjef en Jochem, twee zwervers” een afscheidscadeau van Abbink Spaink was dat met hem een relatie had en dat een relatie had met de gemeente IJsselstein.
DE PLAATSING
Aanvankelijk wilde het gemeentebestuur van IJsselstein “Sjef en Jochem, twee zwervers” in het Kloosterplantsoen in IJsselstein plaatsen. Bij deze plaatsing konden de kosten van ontwerp en vervaardiging van de beeldengroep en de sokkel worden geboekt op de kostenplaats voor het bouwrijp maken van plan Nieuwpoort in IJsselstein. Deze boeking bleek niet mogelijk. Boeking op de kostenplaats Plan Kasteel (de beeldengroep zou dan in de Herman de Manstraat worden geplaatst) bleek evenmin mogelijk. Uiteindelijk werd besloten de beeldengroep in het Molenplantsoen te plaatsen.(11)
DE ONTHULLING
Op 29 september 1962 werd het programma rond het afscheid van burgemeester Abbink Spaink om 20.00 uur afgesloten met een grote afscheidsrit door IJsselstein. Om 20.45 uur onthulde hij in het Molenplantsoen “Sjef en Jochem, twee zwervers”. Deze onthulling was zijn laatste officiële daad als burgemeester.(12)
PROBLEMEN RONDOM DE PLAATSING
Op 30 oktober 1962 zond Jan van Luijn een rekening naar het gemeentebestuur van IJsselstein inzake de kosten van ontwerp en vervaardiging van “Sjef en Jochem, twee zwervers”. De kosten bedroegen f 1932,20. De sokkel was in opdracht van de Dienst Gemeentewerken van de gemeente IJsselstein vervaardigd door de firma P.C. van der Krift in IJsselstein. Hiermee was een bedrag van f 67,80 gemoeid, zodat de totale kosten f 2.000,- bedroegen. Het gemeentebestuur stuitte op problemen aangaande de kostenpost. Het Molenplantsoen maakte geen deel uit van Plan Kasteel, waardoor het boeken op de kostenpost van Plan Kasteel tot problemen zou kunnen leiden. Op 15 november 1962 besloot het gemeentebestuur dat de kosten toch geboekt zouden worden op de kostenpost van Plan Kasteel en dat de beeldengroep zou worden verplaatst naar een plek, die er deel van uitmaakte. Op 4 december 1962 adviseerde de afdeling Technische Diensten IJsselstein om “Sjef en Jochem, twee zwervers” in een plantsoen aan de Achtersloot in IJsselstein te plaatsen, tussen de Touwlaan en de Meerenburghorn. Het gemeentebestuur besloot de zaak twee jaar aan te zien. Van verplaatsing is het uiteindelijk niet gekomen.(13)
EEN KRANSLEGGING
In de editie van 29 november 1962 van Zenderstadnieuws staat een artikel, waarin is beschreven dat op 23 november 1962 in de raadskelder van het gemeentehuis van IJsselstein het Dies Natalisfeest werd gehouden van het dispuut D.O.R.S., een van de disputen van de Unie S.S.R. (Societas Studiosorum Reformatorum), een reformatorische studentenvereniging in Utrecht. Het feest was tevens een installatievergadering. Voorafgaand aan het feest legden de leden van het dispuut een krans bij “Sjef en Jochem, twee zwervers”. In de toespraak bij de kranslegging beschreef de praeses van het dispuut de twee zwervers Hij sprak zijn waardering uit voor het initiatief van het gemeentebestuur van IJsselstein om Sjef en Jochem te vereeuwigen en vond het Molenplantsoen de juiste plek voor het beeld: op hun tocht van Schoonhoven naar IJsselstein kwamen zij langs de oude molen aldaar. De leden van het dispuut hadden ook poppen meegenomen die Sjef en Jochem voorstelden, met tussen de poppen een groot vat, vermoedelijk een wijnvat. Namens het dispuut brachten de heren De Graaf en Bakker nog een bezoek aan mr. Abbink Spaink.(14)
SPOORLOOS VERDWENEN
In de nacht van 10 op 11 juni 1979 werd “Sjef en Jochem, twee zwervers” van de sokkel gelicht. De aanblik van de achtergebleven sokkel deed het vermoeden rijzen dat er geen sprake was van vandalisme maar van een vakkundig uitgevoerde diefstal. Een zoektocht van duikers van de IJsselsteinse brandweer in de stadssingel bij het Molenplantsoen leverde niets op. In de ochtend van 4 juli 1979 troffen redactiemedewerkers van Zenderstreeknieuws bij de ingang van de drukkerij van hun weekkrant een groot pak aan. Aan het pak was een label bevestigd met de adressering “Aan de redaktie”. Het bleek te gaan om de gestolen beeldengroep, die de diefstal ongeschonden had doorstaan.(15)
Noten
(1) Zenderstadnieuws, 29 november 1962.
(2) Historische Kring IJsselstein, december 1992: toelichting bij een foto op pagina 42 van “Sjef en Jochem, twee zwervers”: “het beeld is de gemeente aangeboden ter gelegenheid van het afscheid van burgemeester Abbink Spaink in 1962.”.
(3) RHC Rijnstreek en Lopikerwaard, Zenderstadnieuws, 11 oktober 1962. In sommige bronnen is niet over een “eervol ontslag” gesproken maar over “met pensioen gaan” (op 7 september 1962 had burgemeester Abbink Spaink de 65-jarige = pensioengerechtigde leeftijd bereikt).
(4) Zenderstadnieuws, 11 oktober 1962.
(5) Jan van Luijn Beeldhouwer (Peter van Aarnhem, Utrecht, 1995, p.61). Herman de Man (Salomon Herman Hamburger, Woerden, 11 juli 1898 – Haarlemmermeer, 14 november 1946): schrijver van streekromans die zich afspelen in de Lopikerwaard, waaronder de roman Het Wassende Water (Den Haag, 1925).
(6) https://hermandeman.nl/schrijfworkshop/
(7) Jan van Luijn Beeldhouwer (Peter van Aarnhem, Utrecht, 1995, p.61).
(8) Historische Kring IJsselstein, december 1992, p.40-46: “Piet Bokketouw – een zwerver” (L. Munk). In dit artikel is over Klaasje Kroon niets geschreven.
(9) Jan van Luijn Beeldhouwer (Peter van Aarnhem, Utrecht, 1995, p.61).
(10) Historische Kring IJsselstein, december 1992, p.41.
(11) Zenderstadnieuws, 11 oktober 1962.
(12) Archief van de gemeente IJsselstein 1943-1979 (RHC Rijnstreek en Lopikerwaard, Y031-77).
(12) Archief van de gemeente IJsselstein 1943-1979 (RHC Rijnstreek en Lopikerwaard, Y031-77).
(14) Zenderstadnieuws, 29 november 1962.
(15) Zenderstreeknieuws, 4 juli 1979 en 11 juli 1979.