TivoliVredenburg, Vredenburgkade 11, Utrecht, begane grond en eerste verdieping
ONTSTAANSGESCHIEDENIS VAN DE COLLECTIE COMPONISTENPORTRETTEN (1)
De ontstaansgeschiedenis van de collectie “Componistenportretten” van TivoliVredenburg gaat terug tot de 1970-er jaren, waarin in Utrecht Muziekcentrum Vredenburg werd gebouwd. Prof. Herman Hertzberger, de architect van Muziekcentrum Vredenburg, vond het muziekgebouw ideaal voor het plaatsen, verspreid over de verdiepingen, van portretten van componisten en dirigenten uit binnen- en buitenland.
Op de bouw van Muziekcentrum Vredenburg was de 1,5 % regeling van toepassing: 1,5 % van de bouwkosten moest worden gereserveerd voor kunst. Het hierdoor beschikbare bedrag werd aangevuld met een gift van Douwe Egberts BV, gevestigd in Utrecht, ter gelegenheid van de viering in 1978 van haar 225-jarig bestaan. Het geld dat op deze manier beschikbaar was gekomen, werd gestort in het Fonds Stadsverfraaiing van de gemeente Utrecht.
In 1979 werd een werkgroep in het leven geroepen die zich ging bezighouden met het vormen van een collectie componistenportretten. De leden van de werkgroep waren: Peter Smids (directeur Muziekcentrum Vredenburg), prof. Herman Hertzberger, prof. Theo Scholten (lid Raad van Commissarissen Douwe Egberts BV en voorzitter van de Adviescommissie Beeldende Kunsten gemeente Utrecht) en drs. B.J. Peiser (hoofd bureau Culturele zaken gemeente Utrecht).
Rond de ingebruikname van Muziekcentrum Vredenburg werden in het muziekcentrum twee componistenportretten geplaatst, verworven door schenkingen: “Evert Cornelis” (Gra Rueb, 1956) en “Johan Wagenaar” (Arend Odé, 1948).
In de periode 1979-1983 werden zeven componistenportretten bekostigd uit de gift van Douwe Egberts BV. In de jaren na 1983 verzorgde de Adviescommissie Beeldende Kunsten de verwerving van componistenportretten. De portretten die in de jaren na 1983 werden vervaardigd, werden bekostigd ut het Fonds Stadsverfraaiing.
Tot aan 1990 werden meestal traditionele beeldhouwers uitgenodigd een portret te ontwerpen. De portretten werden uitgevoerd in brons. De hoogte van de sokkels waarop de portretten waren geplaatst, varieerde van 35 tot 60 cm.
Vanaf 1990 worden ook eigentijdse kunstenaars uitgenodigd en is er niet meer per definitie sprake van uitvoering in brons. Er worden portretten ontworpen van hedendaagse componisten en musici uit uiteenlopende muziekstromingen zoals “Bob Dylan” (Titus Nolte), “Jimi Hendrix” (Berend Strik) en “Simeon ten Holt” (Jeroen Henneman).
In het muziekgebouw van Muziekcentrum Vredenburg waren de portretten opgesteld op de onderverdieping, de begane grond en de bovenverdieping. Van 2007 tot 2014 vond een ingrijpende verbouwing plaats. De componistenportretten werden in opslag genomen. Muziekcentrum Vredenburg en het popmuziekcentrum Tivoli, gevestigd aan de Oudegracht in Utrecht, waren inmiddels samengegaan. Het nieuwe muziekgebouw kreeg de naam TivoliVredenburg. De componistenportretten werden geplaatst op de begane grond en de eerste verdieping van het nieuwe muziekgebouw.
Anno 2026 telt de collectie componistenportretten 39 kunstwerken. De collectie weerspiegelt het muziekprogramma van TivoliVredenburg en haar voorganger: klassieke componisten, dirigenten en eigentijdse componisten en musici.
(1) componistenportretten (Utrecht, 2000, p.5-8).
TIVOLIVREDENBURG: COMPONISTENPORTRETTEN OP DE BEGANE GROND
Béla Bartók (Paulus Reinhard)
Billie Holiday (Marlene Dumas)
Claude Debussy (Rudi Rooijackers)
Evert Cornelis (Gra Rueb)
Franz Liszt (Fons Bemelmans)
Frédéric Chopin (Willy Blees)
Gustav Mahler (Floyd DeWitt)
Jimi Hendrix (Berend Strik)
Johannes Brahms (Gerda Rubinstein)
Joseph Haydn (Arie Teeuwisse)
Ludwig van Beethoven (Antoine Bourdelle)
Ornette Coleman (Emo Verkerk)
TIVOLIVREDENBURG: COMPONISTENPORTRETTEN OP DE EERSTE VERDIEPING
Alban Berg (Harry Boom)
Alphons Diepenbrock (Mari Andriessen)
Anton Bruckner (Jan van Luijn)
Arnold Schönberg (Fons Bemelmans)
Bob Dylan (Titus Nolte)
Claudio Monteverdi (Theresia van der Pant)
Dmitri Sjostakovitsj (Frans Carlier)
Felix Mendelssohn Bartholdy (Judith Pfaeltzer)
Franz Schubert (Bertus Sondaar)
Gioachino Rossini (Piet Esser)
Giuseppe Verdi (Pieter de Monchy)
Hector Berlioz (Nel van Lith)
Hendrik Andriessen (Judith Pfaeltzer)
Hugo Wolf (Lie van Vugt)
Igor Strawinsky (Theresia van der Pant)
Jan van Gilse (Appie Drielsma)
Jean Sibelius (Arthur Spronken)
Johan Wagenaar (Arend Odé)
Johann Sebastian Bach (Fioen Blaisse)
Maurice Ravel (Niko de Wit)
Miles Davis (Appie Drielsma)
Peter Schat (Pieter d’Hont)
Simeon ten Holt (Jeroen Henneman)
Willem Pijper (Theo van de Vathorst)
Wolfgang Amadeus Mozart (Marianne Letterie)