Naamvariant: “Juliana onder de mensen”
Beeldhouwer: Ingrid Mol
Materialen: beelden: keramiek, gevuld met beton; grondplaat: keramiek; voetstuk: terrazzo
Eindafwerking: Zuliani Kunst en Terrazzo BV, Zoetermeer
Koekamp, Den Haag
Onthuld op 2 september 2024

__________

__________

__________

.
HET INITIATIEF
Ingrid Mol heeft de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana ontworpen in opdracht van de gemeente Den Haag en Stroom Den Haag, het expertisecentrum in Den Haag voor kunst, samenleving en de openbare ruimte.
De initiatiefnemer voor de oprichting was Adriaan P. (Adri) Kaland (Middelburg, 24 oktober 1949), lid van de CDA-fractie van de Haagse gemeenteraad. Op 17 maart 2005, een jaar na het overlijden van prinses Juliana, die van 1948 tot 1980 koning der Nederlanden was, stelde Kaland namens de CDA-fractie schriftelijke vragen aan de voorzitter van de Haagse gemeenteraad, Willem Joost (Wim) Deetman, burgemeester van Den Haag, over het laten ontwerpen en plaatsen van een monument voor de prinses. In haar hoedanigheid van koningin had prinses Juliana, zo beargumenteerde Kaland, een tekst aanhalend uit het In Memoriam dat minister-president Jan Pieter (Jan Peter) Balkenende (Biezelinge, 7 mei 1956) naar aanleiding van haar overlijden had uitgesproken, een bijzondere plaats in de harten van de generatie van de naoorlogse wederopbouw van Nederland en de generatie die tijdens haar regeerperiode opgroeide. Verder was Kaland de mening toegedaan dat in Den Haag, waar de herinnering aan vorsten die Nederland hebben geregeerd levend wordt gehouden door middel van onder andere standbeelden en monumenten, een monument van koningin Juliana goed zou passen. Wat betreft Kaland moest het monument niet alleen een eerbetoon zijn aan koningin Juliana maar ook bijdragen aan het collectieve geheugen van Nederland. In een tijd waarin de vaderlandse geschiedenis, in de tweede helft van de vorige eeuw min of meer verguisd geraakt, opnieuw werd gewaardeerd, achtte hij dit van belang.
Op 26 april 2005 antwoordde het gemeentebestuur van Den Haag welwillend tegenover het voorstel van Kaland te staan. Het gemeentebestuur kon zich vinden in het argument van Kaland dat Den Haag een traditie heeft als het gaat om monumenten voor vorsten die Nederland hebben geregeerd en gaf aan deze traditie graag in stand te willen houden. Het gemeentebestuur toonde zich bereid om in overleg met de rijksoverheid onderzoek te doen naar mogelijkheden voor een monument en hoopte hier binnen drie maanden nader over te kunnen berichten.
INSTEMMING VAN HET RIJK EN DE KONINKLIJKE FAMILIE
Op 18 november 2005 maakte het gemeentebestuur van Den Haag minister-president Balkenende middels een brief haar voornemen kenbaar een monument voor wijlen koningin Juliana op te richten. Hiervoor was instemming nodig van het Rijk en de Koninklijke familie. Het gemeentebestuur, om instemming vragend, wilde ook weten of er plannen waren voor het oprichten van een nationaal monument voor koningin Juliana.
Op 3 maart 2006 stelde Adri Kaland schriftelijke vragen over de stand van zaken rond het monument. De gemeenteraad had hierover na 26 april 2005 niets vernomen, de toezegging van berichtgeving binnen drie maanden ten spijt. In zijn antwoord op de vragen van Kaland beschreef burgemeester Deetman de de vragen die aan minister-president Balkenende waren voorgelegd. Hij gaf ook aan dat, vooruitlopend op een eventueel besluit tot oprichting van een monument of (stand)beeld voor koningin Juliana, Stroom Den Haag, de Dienst Stedelijke Ontwikkeling en het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en momenteel door DSO, OCW en de stichting Stroom gezamenlijk onderzoek doen naar de invulling van het monument/(stand)beeld. Reeds op 19 april 2005, zo schreef de burgemeester, had het gemeentebestuur besloten onderzoek te laten doen naar de mogelijkheden. Daarbij werd als locatie het Koningin Julianaplein geopperd, met de kanttekening dat vanwege de werkzaamheden op het plein plaatsing van het monument niet voor eind 2009 mogelijk werd geacht. Op het Koningin Julianaplein vonden al jarenlang bouwwerkzaamheden plaats (de bouw van twee torens met appartementen, horeca en winkels).
Enkele jaren later, wellicht in 2008, antwoordde minister-president Balkenende dat er van rijkswege geen plannen waren voor een nationaal monument voor wijlen koningin Juliana en dat de Koninklijke familie geen bezwaar had tegen oprichting in Den Haag van een monument.
In de programmabegroting 2009-2012 van de gemeente Den Haag werd geld gereserveerd voor de oprichting van het monument. Stroom Den Haag zou zorg dragen voor de opdrachtgeving. Verder werd een begeleidingscommissie geïnstalleerd.
HET SCHETSONTWERP VAN INGRID MOL
In 2013, na een studie van het werk van een groot aantal beeldend kunstenaars, nodigde Stroom Den Haag vier vooraanstaande beeldend kunstenaars uit om een schetsontwerp in te dienen. Naast Ingrid Mol waren dit Fernando Sánchez Castillo (beeldhouwer, videokunstenaar en installatiekunstenaar, Madrid, 1970), Sanja Medić (fotograaf en installatiekunstenaar, Belgrado, 7 maart 1974) en Arie Schippers (beeldhouwer en schilder, Rotterdam, 25 november 1952).
De beeldend kunstenaars werd gevraagd een hedendaags monument te ontwerpen dat uitdrukking zou geven aan koningin Juliana als persoon en vorstin in de tijd van de naoorlogse wederopbouw. Juliana zou menselijk en persoonlijk moeten zijn uitgebeeld en niet zozeer krachtig, vorstelijk of krijgshaftig (standbeelden van bijvoorbeeld koning Willem II en koningin Wilhelmina toonden krachtige, heldhaftige figuren). Omdat het monument koningin Juliana als onderwerp had, mochten beelden van haar echtgenoot en kinderen er geen deel van uitmaken. Om zonder uitvoerige tekst en uitleg te kunnen worden begrepen, mocht het monument niet te abstract zijn.
In 2013 werden tijdens de behandeling in de Haagse raadscommissie Leefomgeving van de begroting monumenten en archeologie vragen gesteld over de stand van zaken met betrekking tot het monument voor koningin Juliana. Op 9 december 2013 beschreef Jozias Johannes van Aartsen, inmiddels burgemeester van Den Haag, in antwoord op deze vragen, de selectieprocedure. Hij gaf daarbij aan dat de begeleidingscommissie een voorlopige keuze had gemaakt uit de vier schetsontwerpen die waren ingediend. De planning was dat het monument in uiterlijk 2015 gereed zou zijn. De begeleidingscommissie had plaatsing in de nabijheid van het Paleis aan het Lange Voorhout voor ogen.
Eind 2015 viel de keuze op het schetsontwerp van Ingrid Mol: een keramieken beeldengroep van vier mensfiguren, waaronder koningin Juliana, op een stuk drassig land, tijdens een werkbezoek van de koningin. Om tot een schetsontwerp te komen, had Ingrid Mol zich grondig verdiept in het leven van koningin Juliana en ontdekte daarbij dat de koningin sociaal betrokken was, pacifistische ideeën had, feministisch was en zich bekommerde om het welzijn van de samenleving. In een interview, gepubliceerd in de editie-Den Haag van 15 december 2015 van het Algemeen Dagblad, zei Ingrid Mol dat zij met de beeldengroep recht wilde doen aan de strijdbaarheid en deskundigheid van koningin Juliana, aspecten van haar persoonlijkheid die niet zo bekend waren en in de loop der jaren op de achtergrond waren geraakt.
Bij het ontwerpen had Ingrid Mol zich ook laten inspireren door foto’s, gemaakt tijdens het bezoek van koningin Juliana in 1953 aan het door de watersnoodramp getroffen Zeeland en tijdens werkbezoeken van de koningin in de 1960-er jaren. In een interview, gepubliceerd in de editie van 3 september 2024 in het Algemeen Dagblad, zei Ingrid Mol dat foto’s van het bezoek van koningin Juliana in 1953 aan Zeeland haar het meest waren bijgebleven. Op enkele van die foto’s stond de koningin met laarzen en lange warme jas te midden van de getroffenen, die soms tegen haar aan stonden.
De einduitvoering heeft de naam “Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana” gekregen.
TENTOONSTELLING VAN HET SCHAALMODEL
In de door Stroom Den Haag georganiseerde tentoonstelling “Om nooit te vergeten… Welke kleur hebben onze Haagse monumenten?” die van 15 december 2015 tot en met 15 januari 2016 werd gehouden in Atrium Stadhuis Den Haag, was onder andere een schaalmodel tentoongesteld van de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana. Het schaalmodel werd op 14 december 2015 onthuld door burgemeester Van Aartsen. Het schaalmodel was kleurloos uitgevoerd. Bij de verdere uitwerking van het ontwerp zou Ingrid Mol besluiten in welke kleuren het monument zou worden uitgevoerd. In de einduitvoering zou er her en der over de keramieken grondplaat water stromen als verwijzing naar het Hollandse polderlandschap.
Links van het schaalmodel van de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana stond een portret van Juliana, eveneens ontworpen door Ingrid Mol. Met dit portret wilde Ingrid Mol het op grote schaal uitwerken van de kleine modellen laten zien.
In zijn toespraak voorafgaand aan de onthulling zei burgemeester Van Aartsen dat gedacht werd de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana te plaatsen voor Den Haag Centraal op het Koningin Julianaplein.
Na de onthulling gaf Ingrid Mol een korte beschrijving van de opzet van de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana: koningin Juliana tussen mensen zoals wij, staande op Hollandse grond.
De verwachting was dat de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana in 2018 op het Koningin Julianaplein zou kunnen worden geplaatst, aangenomen dat de werkzaamheden daar zouden zijn voltooid.
In de tentoonstelling “Om nooit te vergeten… Welke kleur hebben onze Haagse monumenten?” werd ook het schaalmodel gepresenteerd van het Thorbecke monument (Thom Puckey), dat op 11 februari 2017 zou worden onthuld op de hoek van het Lange Voorhout en het Tournooiveld.
VERTRAGING IN DE PLAATSING
In 2017 kreeg Ingrid Mol de opdracht om het schaalmodel in het groot uit te voeren. In een artikel in de editie van De Volkskrant van 2 september 2024 heeft zij de stadia van het maakproces (vervaardiging en assemblage) uitvoerig en gedetailleerd beschreven: boetseren, bakken, glazuren en eindmontage. Het vervaardigings- en assemblageproces liep door tot in 2023. Het boetseren, bakken en glazuren vond plaats in het atelier van Struktuur 68 in Den Haag, een plek waar al tientallen jaren kunstenaars werken die keramiek kunstwerken maken.
In september 2022 werd bekend dat de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana in 2023 moest zijn geplaatst, het jaar waarin het 75 jaar geleden zou zijn dat Juliana werd ingehuldigd. De werkzaamheden op het Koningin Julianaplein zouden echter nog jarenlang voortduren, waardoor het gemeentebestuur van Den Haag op zoek ging naar een tijdelijke locatie in de buurt van het Koningin Julianaplein.
Bij de opening van de voorinschrijving op haar roman Het monument over het Koningin Juliana Monument was de verwachting van Ingrid Mol dat de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana in het voorjaar van 2024 zou kunnen worden geplaatst en onthuld op een tijdelijke plek langs het water van de Koekamp, tegenover het Koningin Julianaplein, in afwachting van de afronding van de bouwwerkzaamheden en verdere werkzaamheden aan het Koningin Julianaplein.
DE ONTHULLING
Op 29 augustus 2024 is de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana langs het water van de Koekamp geplaatst en door het eromheen plaatsen van hoge hekken onttrokken aan het oog.
Op 2 september 2024 is de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana onthuld door prinses Beatrix, de oudste dochter van prinses Juliana en prins Bernhard en opvolger van koningin Juliana, in aanwezigheid van onder andere Ingrid Mol, Adri Kaland en Jan Hendrikus Cornelis van Zanen, burgemeester van Den Haag. De onthullingshandeling bestond uit het verwijderen van het lichtgrijze zeil waarmee het beeld van koningin Juliana was bedekt.
In zijn toespraak voorafgaand aan de onthulling ging burgemeester Van Zanen in op de betekenis van koningin Juliana in de naoorlogse wederopbouw. Hij sprak de wens uit dat de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana bij hen die haar als staatshoofd hadden gekend, een liefdevolle glimlach van herinnering teweeg zou brengen en voor hen die haar niet als staatshoofd hadden gekend, een aanmoediging zou zijn zich in haar te verdiepen. Ook Adri Kaland en Ingrid Mol hielden toespraken. Ingrid Mol zei in haar toespraak dat zij koningin Juliana heeft willen uitbeelden als koningin van het volk, een toegankelijke en vriendelijke vrouw, maar ook idealistisch en strijdbaar.
Na de onthulling ging Ingrid Mol in gesprek met prinses Beatrix en burgemeester Van Zanen en stond zij de pers te woord.
De Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana is 5,5 meter breed en 3,75 meter hoog. Ingrid Mol heeft koningin Juliana uitgebeeld als mens tussen de mensen. De kleding van de beelden is ontleend aan de mode uit de 1960-er jaren. De witte kleur van het mantelpak van koningin Juliana verwijst naar de gelovige en vredelievende persoon die zij was.
In de rand van het terrazzo voetstuk is de zin WIE BEN IK DAT IK DIT DOEN MAG? aangebracht, een zin uit de inhuldigingsrede die koningin Juliana op 6 september 1948 in de Nieuwe Kerk in Amsterdam uitsprak voor de leden van de Staten-Generaal. Onder de zin WIE BEN IK DAT IK DIT DOEN MAG? is de naam KONINGIN JULIANA aangebracht, haar geboortejaar en het jaar waarin zij is overleden.
Omdat op het Koningin Julianaplein een fontein zal worden geplaatst, is bij het vervaardigen van de einduitvoering besloten geen water over de keramieken grondplaat te laten stromen.
De verwachting is dat de bouwwerkzaamheden en verdere werkzaamheden rond het Koningin Julianaplein in 2027 voltooid zullen zijn, zodat de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana dan daar geplaatst kan worden.
De kosten van de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana waren ca. 250.000 euro.
DE ROMAN HET MONUMENT

De onthulling van de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana ging gepaard met de uitgifte van Het monument, een geïllustreerde roman over de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana.
Het monument is geschreven door Ingrid Mol, geïllustreerd door Babette Wagenvoort (de eerste Haagse stadstekenaar) en vormgegeven door Studio Renate Boere.
In Het monument beschrijft Ingrid Mol onder andere wat zich bij bij het ontwerpen afspeelde en geeft zij de lezer een inkijk in de wereld van de kunst en commissies die zich met kunst bezighouden.
Het monument werd gepresenteerd in de Gipsenzaal van de KABK (Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten) aan de Prinsessegracht in Den Haag. Ingrid Mol, Babette Wagenvoort en Renate Boere werden geïnterviewd door Michael van Hoogehuyze, kunsthistoricus, en er werd kort verslag gedaan van het maken van de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana.
Bronnen en verdere informatie:
– mededelingen Ingrid Mol
– Gemeente Den Haag, 26 april 2005, 4 april 2006, 9 december 2013 en 11 december 2015
– Vorsten, 11 december 2015
– Algemeen Dagblad, editie Den Haag, 15 december 2015 en 3 september 2024
– Publiek gemaakt, 18 december 2015
– Omroep West, 11 september 2022
– De Volkskrant, 2 september 2024
– Den Haag Centraal, 2 september 2024
– Den Haag NL, 2 september 2024
– Den Haag FM, 2 september 2024 (onthulling monument)
– https://bkdh.nl/kunstwerken/beeldengroep-ter-herinnering-aan-koningin-juliana/
– https://histobron.nl/inhuldigingsrede-juliana-1948/
– https://janvanzanen.denhaag.nl/onthulling-beeldengroep-koningin-juliana (tekst van zijn toespraak)
– https://nl.wikipedia.org/wiki/Vaderlandse_geschiedenis
– https://www.instagram.com/ingridmollomdirgni/#
Met dank aan:
– Ingrid Mol
Juliana Louise Emma Marie Wilhelmina, prinses der Nederlanden, prinses van Oranje-Nassau, hertogin van Mecklenburg en prinses van Lippe-Biesterfeld (paleis Noordeinde, Den Haag, 30 april 1909 – paleis Soestdijk, Soestdijk, 20 maart 2004), van 1937 tot aan haar overlijden in 2004 gehuwd met Bernhard Friedrich Eberhard Leopold Julius Kurt Carl Gottfried Peter Graf von Biesterfeld (Jena, 29 juni 1911 – Utrecht, 1 december 2004).
Het koningschap van Juliana duurde van 4 september 1948 tot 30 april 1980.