Beeldhouwer: Thom Puckey
Materialen: “Thorbecke”: carrara marmer; beeldengroep: roestvast staal
Lange Voorhout/Tournooiveld, Den Haag
Onthuld op 11 februari 2017

__________

__________

__________

__________

.
1875: STANDBEELD VAN THORBECKE NIET IN DEN HAAG MAAR IN AMSTERDAM
Na het overlijden op 4 juni 1872 van de liberale politicus Johan Rudolph Thorbecke werd een landelijk comité in het leven geroepen voor de oprichting van een standbeeld. Dit comité had in diverse steden, waaronder Den Haag, subcommissies, In juli 1872 besloot het comité dat het standbeeld in Den Haag zou worden geplaatst.
Het standbeeld van Thorbecke werd ontworpen door Ferdinand Karel Adolf Constantijn Leenhoff, woonachtig in Parijs. In mei 1873 was het ontwerp gereed.
In de loop van 1873 besloot het comité besloot dat het standbeeld op het Binnenhof geplaatst zou moeten worden. De regering stemde hiermee in. Het gemeentebestuur van Den Haag vond de Plaats beter geschikt en gaf op 6 januari 1874 het comité vergunning het standbeeld daar te plaatsen. De gemeenteraad van Den Haag moest de plaatsing nog goedkeuren. In april 1874 besloot het gemeentebestuur om het besluit over de uiteindelijke plaatsing uit te stellen vanwege de vele bezwaren in en buiten de gemeenteraad.
In september 1874 wees de Haagse gemeenteraad met 16 tegen 14 stemmen de Plaats in Den Haag aan als plek voor het standbeeld van Thorbecke. Deze aanwijzing moest worden goedgekeurd door Jan Heemskerk Azn., liberaal politicus en minister van Binnenlandse Zaken. Heemskerk Azn. had een slechte verhouding gehad met Thorbecke en was sterk gekant tegen plaatsing in Den Haag. Op 30 oktober 1874 werd bekend dat hij het bezwaar had opgeworpen dat over de Plaats een “rijkstravers” liep, een gedeelte van een rijksweg dat open moest blijven en waarop geen obstakels mochten staan, dus ook geen standbeelden. Om die reden stemde hij niet in met plaatsing op de Plaats. Dit besluit leidde in Nederland tot tal van protesten. Eind januari 1875 bijvoorbeeld schreven een aantal leerlingen van de klassen 4 en 5 van de HBS in Dordrecht een brief aan koning Willem III, waarin zij hun afkeuring uitspraken over het besluit van de minister. De directeur en de leraren van de HBS vonden dit uitermate ongepast. Inmiddels hadden andere steden in Nederland interesse getoond in het standbeeld van Thorbecke. Op 4 maart 1875 werd bekend dat het standbeeld in Amsterdam zou worden geplaatst. Daar werd het op 18 mei 1875 onthuld.
2007: GEMEENTERAAD DEN HAAG: INITIATIEFVOORSTEL VOOR EEN STANDBEELD VAN THORBECKE
In juli 2007 diende Thessa Oosterholt-Eekhout, gemeenteraadslid in Den Haag namens de VVD, de opvolger van de liberalen van Thorbecke, een initiatiefvoorstel in, getiteld “Thorbecke: ‘Wacht op onze daden'”. De woorden “Wacht op onze daden” zijn een uitspraak van Thorbecke tijdens het debat in de Tweede Kamer op 13 december 1849 over de regeringsverklaring. Thorbecke wilde namelijk niets uiteenzetten over de plannen van zijn kabinet. De titel van het initiatiefvoorstel van Oosterholt heeft als betekenis: Thorbecke wacht op onze daden (de daden van het gemeentebestuur van Den Haag).
Oosterholt vond het een historische vergissing dat de gemeente Den Haag wel standbeelden had laten plaatsen van Willem Drees, Johan van Oldenbarnevelt, Pieter Jelles Troelstra en Johan de Witt, vooraanstaande politici die voor Nederland van groot belang waren geweest, maar geen standbeeld van Thorbecke. Het enige dat in Den Haag aan Thorbecke herinnerde, was een straatnaam. In voorgaande jaren had Oosterholt het gemeentebestuur van Den Haag deze vergissing te onderkennen en ongedaan te maken door het laten plaatsen van een standbeeld. Het gemeentebestuur had begrip voor de vragen van Oosterholt maar wilde wachten op een initiatief vanuit de inwoners van Den Haag. Oosterholt vond dit niet gepast; het initiatief uit 1872 was, waar het om Den Haag ging, door politiek gekrakeel op niets uitgelopen. Wat haar betreft moest anno 2007 het gemeentebestuur van Den Haag in actie komen. Een standbeeld van Thorbecke zou hem meer bekendheid geven, ook vanwege het feit dat in de geschiedenislessen weer meer aandacht werd geschonken aan Nederlanders van nationaal belang. Plaatsing in Den Haag van dit standbeeld zou ook uiting geven aan hoe Den Haag haar centrale functie in de Nederlandse parlementaire democratie opvat.
In het initiatiefvoorstel beschreef Oosterholt haar ideeën ten aanzien van het standbeeld van Thorbecke. Naar haar mening moest het standbeeld herkenbaar zijn. Bij voorkeur zou het op of nabij het Binnenhof moeten worden geplaatst, liefst tegenover het “Torentje”, waarin zich de werkkamer bevindt van de Nederlandse minister-president. Een tweede mogelijkheid was plaatsing aan de hoek Lange Poten/Hofplaats, tegenover het monument voor de Grondwet die Thorbecke had ontworpen. Een derde mogelijkheid was plaatsing aan de Lange Vijverberg.
Op 6 april 2008 besloot de gemeenteraad van Den Haag dat het gemeenbestuur van Den Haag een standbeeld van Thorbecke zou laten oprichten, te plaatsen op of nabij het Binnenhof. Volgens dit besluit moest het gemeentebestuur akkoord gaan met de voorbereidingskosten, begroot op 25.000 euro (in deze fase waren er geen ontwerpkosten begroot omdat er nog geen ontwerp was). Vóór mei 2008 en uiterlijk bij de begroting in 2009 moest het gemeentebestuur een uitgewerkt plan presenteren.
DE TOTSTANDKOMING VAN HET “THORBECKE MONUMENT”
Eind 2010 nodigde het gemeentebestuur van Den Haag Caspar Jacques Berger, Hans Johnny van Houwelingen, Emo Hendrik Bart Verkerk en Thom Puckey uit om een schetsontwerp in te dienen. De keuze van het gemeentebestuur viel op het schetsontwerp van Puckey.
Thom Puckey heeft het monument tussen 2013 en 2016 ontworpen en vervaardigd: een tweeledig monument dat Thorbecke in zijn werkkamer toont en drie eigentijdse burgers, gezeten aan een tafel, die met elkaar discussiëren. De blik van het beeld van Thorbecke is gericht op het Torentje. De beelden van Thorbecke, het meubilair en het voetstuk zijn uitgevoerd in carrara marmer, verwijzend naar de 19e eeuw waarin Thorbecke heeft geleefd en gewerkt. De beelden van de eigentijdse burgers, het meubilair en het voetstuk zijn uitgevoerd in eigentijds roestvast staal.
In 2013 werden tijdens de behandeling in de Haagse raadscommissie Leefomgeving van de begroting monumenten en archeologie vragen gesteld over de stand van zaken met betrekking tot het Thorbecke monument. Op 9 december 2013 antwoordde Jozias Johannes van Aartsen, burgemeester van Den Haag, dat het monument in uitvoering was en dat de verwachting was dat het in de tweede helft van 2014 zou kunnen worden geplaatst. Onderzocht werd of het monument zou worden geplaatst aan de (heringerichte) Lange Vijverberg ter hoogte van het Torentje of op de kop van het Tournooiveld.
In de tentoonstelling “Om nooit te vergeten… Welke kleur hebben onze Haagse monumenten?” die van 15 december 2015 tot en met 15 januari 2016 werd gehouden in Atrium Stadhuis Den Haag, was een schaalmodel van het Thorbecke monument te zien, evenals een schaalmodel van de Beeldengroep ter Herinnering aan Koningin Juliana (Ingrid Mol), die op 2 september 2024 is onthuld aan de Koekamp in Den Haag, in afwachting van plaatsing op het tegenoverliggende Koningin Julianaplein.
DE ONTHULLING VAN HET “THORBECKE MONUMENT”
Op 11 februari 2017 om 11.30 uur is het “Thorbecke monument” op de kop van het Tournooiveld onthuld door Mark Rutte, minister-president van Nederland en lid van de VVD, en burgemeester Van Aartsen, eveneens lid van de VVD. De onthullingshandeling bestond uit een druk op een rode knop, waardoor de zwarte doek die aan een stellage het monument aan het oog onttrok, naar beneden viel.
De onthulling ging gepaard met een presentatie in de etalage van Stroom Den Haag (Hogewal 1-9, Den Haag) over de totstandkoming van het monument. Deze presentatie werd gehouden van 11 februari t/m 3 juni 2017 en was dag en nacht te zien. Stroom Den Haag had de totstandkoming van “Monument Thorbecke” van begin tot eind begeleid. In het gebouw van Stroom Den Haag werd van 10 juni tot en met 27 augustus 2017 de tentoonstelling “A matter of time – Thom Puckey en het Thorbecke monument” gehouden. Deze tentoonstelling was geopend door burgemeester Van Aartsen. Over deze tentoonstelling heeft Stroom een gids uitgegeven, waarin uitvoerig verslag is gedaan van gesprekken met Thom Puckey over onder andere diens ideeën ten aanzien van het monument en de materiaalkeuze. Het roestvast staal is spiegelend en nodigt de toeschouwer uit tot zelfreflectie.
Op 10 maart 2017, een maand na de onthulling, voorzagen Thom Puckey, zijn echtgenote Elisabet Stienstra en zijn vriend Job Art de beeldengroep van de eigentijdse burgers van de laatste beschermende laklaag. De lage temperaturen in februari 2017 hadden het lakken verhinderd.
UITEENLOPENDE REACTIES
In augustus 2017 wijdde het Algemeen Dagblad in de editie Den Haag een artikel aan het “Thorbecke monument”. In het artikel werden hoofdzakelijk negatieve reacties van toeschouwers beschreven, variërend van “Waarom staat dit hier, er staat toch al een monument in Amsterdam?”, “Het staat hier in de weg”, tot “Waarom kunnen wij onder het rokje van de vrouw kijken?” en “De mannen hebben autoriteit en de vrouw is een aanhangsel, een lustobject”. Volgens het artikel had Thom Puckey tot uiting willen brengen dat de mansfiguren en de vrouwenfiguur symbool zijn voor de gewone burgers van de hedendaagse democratie en evenals Thorbecke op een voetstuk zijn geplaatst, waardoor het volk en de politiek als het ware aan elkaar gelijk zijn gesteld. In een ander artikel had Puckey aangegeven dat het in zijn ogen een van de essenties van democratie is dat mensen elkaar proberen te overtuigen met argumenten, desnoods in verhitte discussies. Door de vrouwenfiguur op tafel te laten zitten, had hij haar een gelijkwaardige plek in de samenleving willen geven.
Bronnen:
– Algemeen Dagblad, editie Den Haag, 17 augustus 2017
– Het Vaderland, 16 mei 1926
– Publiek gemaakt, 18 december 2015
– https://denhaag.com/nl/thorbecke-monument
– https://denhaag.notubiz.nl/document/3331353/1/RIS147752
– https://denhaag.notubiz.nl/document/3367226/1/RIS129467B
– https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/3376199/1/RIS268873
– https://haagsallerlei.nl/thorbecke-monument-krijgt-laatste-laklaag/
– https://nl.wikipedia.org/wiki/Standbeeld_van_Johan_Rudolph_Thorbecke
– https://publiekgemaakt.nl/haags-thorbeckemonument-toont-trend-in-hedendaagse-monumenten/
– https://tijdschriftnu.nl/products/ew-boek-wacht-op-onze-daden
Johan Rudolph Thorbecke (Zwolle, 14 januari 1798 – Den Haag, 4 juni 1872): liberaal staatsman. In zijn hoedanigheid van voorzitter in 1848 van de Grondwetscommissie was hij de grondlegger van de Nederlandse parlementaire democratie.