Kat

Naamvariant: “De wijze kater”
Beeldhouwer: Gra Rueb
Materiaal: beton
Zuiderpark, Den Haag, aan de Henriëtte Roland Holstweg/Marie Jungiusweg
Geplaatst in 1939


__________

__________

.


De ontstaansgeschiedenis van “Kat”, door Gra Rueb “De wijze kater” genoemd, gaat terug tot zeker 1938. Het door Theo van Reijn geschreven artikel “Tuinplastiek” in Het Landhuis, 27 juli 1938, ging vergezeld van een foto van “Kat”.. (1)
In 1939 heeft “Kat” deel uitgemaakt van de tweede editie van de bloemententoonstelling “De Hofstadbloem” die van 30 maart tot en met 10 april 1939 werd gehouden in de Houtrusthallen in Den Haag. “De Hofstadbloem” was een tentoonstelling van voorjaarsbloemen; in 1939 was de bloemententoonstelling aangevuld met een beeldententoonstelling, bestaande uit achttien beelden, ontworpen door tien beeldhouwers. De beelden die op “De Hofstadbloem” tentoon waren gesteld, moesten in een tuin of park kunnen worden geplaatst.(2) Later in 1939 is “Kat” in Den Haag in het Zuiderpark geplaatst, nabij de speeltuin.(3)
Onder de naam “Poes” heeft “Kat” deel uitgemaakt van de tentoonstelling “Bloemen en beelden” die van 9 april tot en met 2 juni 1941 in het Zuiderpark werd gehouden.(4) In opdracht van het organiserend comité was een groot aantal beelden voorafgaand aan de tentoonstelling wit geschilderd om een zekere mate van eenheid te creëren en ze te laten contrasteren met het groen van het park. Na het schilderen werd een vernislaag aangebracht om de beelden te beschermen tegen de weersinvloeden.(5) “Kat” is onbeschilderd gebleven.
In 1962 is “Kat” geschonken aan het Haags Gemeentemuseum. Het beeld bleef staan in het Zuiderpark.(6)

JANUARI 1993: EEN STORM AAN VERNIELINGEN IN DEN HAAG
In januari 1993 woedde er in Den Haag een storm aan vernielingen. Straatmeubilair en speeltoestellen moesten het ontgelden. Ook een aantal beelden in Den Haag vielen ten prooi aan vandalisme. In de laatste week van januari werd in park Marlot Gerda met het rendier (Corinne Franzén-Heslenfeld) vernield. In het weekend van 30-31 januari werd in het Zuiderpark “Kat” van de sokkel getrokken, werd van Vrouw (Gra Rueb) het hoofd en een arm afgeslagen en werd De fluitspeler (Lidi Buma) vernield. In de Haagse binnenstad werd bij “Haagse Jantje” (Ivo Coljé) de pluim van zijn hoed afgeslagen. De totale schade beliep enkele tienduizenden guldens. Alle beelden konden worden gerepareerd.(7)
In de editie van 20 maart 1993 van het dagblad Trouw werd bekend gemaakt dat de Stichting Voorzieningsfonds voor Kunstenaars Den Haag een meldpunt had ingesteld ter registratie, documentatie en onderzoek van ernstige gevallen van vernieling van kunst.(8)

Noten
(1) Het Landhuis, 27 juli 1938; Gra Rueb – Meer dan een beeldhouweres (2023, pagina 104)
(2) De Maasbode, 28 maart 1939 (foto van tentoongestelde beelden)
(3) Gra Rueb – Meer dan een beeldhouweres (2023, pagina 104)
(4) Zie: Gra Rueb: “Poes” (Den Haag, tentoonstelling “Bloemen en beelden”, 1941)
(5) De Standaard, 26 april 1941, De Telegraaf, 6 april 1941
(6) Mededeling H. Rueb
(7) Nederlands Dagblad, 4 februari 1993
(8) Trouw, 20 maart 1993

Zie ook:
Gra Rueb: “Poes” (Den Haag, tentoonstelling “Bloemen en beelden”, 1941)

Met dank aan:
H. Rueb

  GRA RUEB
  Zuiderpark (Den Haag)
  Bloemententoonstelling “De Hofstadbloem” (Den Haag, Houtrusthallen, 1939)
  Tentoonstelling “Bloemen en beelden” (Den Haag, Zuiderpark, 1941)