Beeldhouwer: Joseph Geefs
Materiaal: brons (Bronsgieterij Sijen, Beek)
Afgietsel van het oorspronkelijke, in 1842-44 vervaardigde marmeren borstbeeld dat deel uitmaakt van de collectie van de Koninklijke Verzamelingen in Den Haag
Portretgalerij “Beelden van de Raad”, Raad van State, Parkstraat, Den Haag
Onthuld op 17 november 2015

“Koning Willem II”
portretgalerij “Beelden van de Raad”, Raad van State, Den Haag

“Koning Willem II”: handtekening op de sokkel
portretgalerij “Beelden van de Raad”

“Koning Willem II”: marmeren uitvoering (mei 1844)
collectie Koninklijke Verzamelingen, Den Haag
foto: Koninklijke Verzamelingen, Den Haag

gipsen replica “Koning Willem II” (mei 1844 – maart 1849)
foto: Musée Waterloo, Brussel

detail “Willem II Koning der Nederlanden” (Joseph Geefs, 1844)
Rijksmuseum, Amsterdam, obj.nr. BK-NM-8516

detail inhuldigingsportret ten voeten uit van koning Willem II (toegeschreven aan Jan Adam Kruseman)
(particuliere collectie)
HET MARMEREN BORSTBEELD “KONING WILLEM II”
a. Datering opdracht en voltooiing
Op 28 november 1840 werd Willem II ingehuldigd in de Nieuwe Kerk in Amsterdam. De Nederlandse traditie vereist dat in gemeentehuizen, provinciehuizen en gerechtshoven een beeltenis van het staatshoofd aanwezig moet zijn. Het borstbeeld van Willem I, de vader en voorganger van Willem II, moest worden vervangen door een borstbeeld van Willem II. Op 1 december 1841 werd bericht dat ten huize van de beeldhouwer Louis Royer (Mechelen, 19 juni 1793 – Amsterdam, 5 juni 1868) gipsen afgietsels te koop waren van een door hem ontworpen marmeren borstbeeld van koning Willem II.(1) Voor zover is na te gaan, is het door Royer ontworpen borstbeeld van Willem II het eerste borstbeeld van de koning geweest.
Op 22 en 23 december 1842 werd bericht dat in Nederland beeldhouwwerken, ontworpen door Joseph Geefs, enthousiast onthaald werden. Willem II had ten behoeve van zijn verzameling een door Geefs in 1840 ontworpen marmeren beeld aangekocht: “Orpheline du Pêcheur” (“De Hollandsche Weesch”, “Dochter van den Visscher”). Over Geefs, die een bezoek had gebracht aan Willem II, werd op 22 december 1842 bericht dat hij werkte aan een borstbeeld van de koning.(2) Willem II had hem hiertoe opdracht gegeven.(3) Voor zover is na te gaan, is het door Geefs ontworpen borstbeeld van Willem II het tweede borstbeeld van de koning geweest.
Op 21 mei 1844 werd bericht dat het marmeren borstbeeld van Willem II dat Geefs had ontworpen, was voltooid en aan een aantal kunstenaars was gepresenteerd. Volgens het bericht was het borstbeeld qua artisticiteit en gelijkenis van een voortreffelijke kwaliteit.(4)
Op het grootlint zijn tussen de banen over de volle lengte ovaalvormige versiersels aangebracht. Deze versiersels zijn ook te zien op de bronzen en marmeren exemplaren van het door Geefs in 1844 ontworpen standbeeld “Willem II Koning der Nederlanden” die deel uitmaken van de collectie van de Koninklijke Verzamelingen in Den Haag.(5)
In de linker onderrand van het marmeren exemplaar is de signatuur “Jozef Geefs fecit” aangebracht. In de linkerzijde van het voetstuk is het jaartal 1843 aangebracht. Volgens De levens en werken der Hollandsche en Vlaamsche kunstschilders, beeldhouwers, graveurs en bouwmeesters (Christiaan Kramm, Amsterdam, 1857) dateert de marmeren uitvoering van het borstbeeld van Willem II (en de marmeren uitvoering van het standbeeld “Willem II Koning der Nederlanden”) uit 1844.(6) Naar aanleiding van de berichten in mei 1844 en de datering in 1857 door Kramm veronderstelt KIJKEN NAAR BEELDEN dat de marmeren uitvoering van het borstbeeld van Willem II op of omstreeks 17 mei 1844 was voltooid en dat het jaartal 1843 dat in het marmeren borstbeeld is gegraveerd, betrekking heeft op de voltooiing van het model en niet op de voltooiing van de marmeren uitvoering.
Het marmeren borstbeeld van Willem II maakt deel uit van de Koninklijke Verzamelingen v/h Koninklijk Huisarchief. In de loop der jaren is één van de armen van het kruis van de Pruisische Orde van de Rode Adelaar afgebroken en heeft de medaille van het Peninsular Gold Cross schade opgelopen.
(1) Dagblad van ’s Gravenhage, 1 december 1841. Gemeenten en provincies konden exemplaren aankopen, vgl. Taeke Friso de Jong: “Beatrix” (Woerden). Een gipsen exemplaar heeft jarenlang in het Ambtshuis in Druten gestaan, waar het in 2001 werd gestolen. Op 13 september 2025 is in het Ambtshuis een 3D replica teruggeplaatst, vervaardigd aan de hand van scans van een gipsen exemplaar dat deel uitmaakt van de collectie van het Amsterdam Museum (gld.nl, 2 augustus 2025).
(2) Journal de Limbourg, 22 december 1842; Overijsselsche courant, 23 december 1842. In een aantal Belgische dagbladen, waaronder Le Messager de Gand et des Pays-Bas, 22 december 1842, is een bericht over het bezoek van Geefs aan Willem II en de aankoop door de koning van “Orpheline du Pêcheur” gedateerd op 19 december 1842. In deze berichten is niets vermeld over het feit dat Geefs werkte aan een borstbeeld van de koning.
(3) Bredaasche courant, 21 mei 1844.
(4) Bredaasche courant, 21 mei 1844 (zie ook: Rotterdamsche courant, 18 mei 1844).
(5) Joseph Geefs: “Willem II Koning der Nederlanden”.
(6) De levens en werken der Hollandsche en Vlaamsche kunstschilders, beeldhouwers, graveurs en bouwmeesters (Christiaan Kramm, Amsterdam, 1857, pagina 538: “In 1843 het portret in marmer van dien Heer Metdepenninge […] Het jaar daaropvolgende beitelde hij in marmer een Statuette en eene Buste van den Mecenas der kunsten, wijle Z.M. Koning Willem II.” In Beelden van de Raad – De portretgalerij (Den Haag, 2015, p.23 en p. 50-53) is het marmeren borstbeeld gedateerd op 1843. Het marmeren borstbeeld, het jaartal 1843 en de locatie “Koninklijk Huisarchief” zijn ook vermeld in Nederlandse beeldhouwers in de negentiende eeuw (P.K. van Daalen, Den Haag, 1957, p.26).
b. Bronzen afgietsel

In de feestzaal van Paleis Kneuterdijk in Den Haag, het paleis waarin Willem II en zijn echtgenote hebben gewoond, bevindt zich een bronzen afgietsel van het marmeren borstbeeld van Willem II.
In de linker onderrand van het bronzen afgietsel is de signatuur “Jozef Geefs fecit” te zien. In de linkerzijde van het voetstuk van het bronzen afgietsel is het jaartal 1843 te zien. De signatuur en het jaartal zijn identiek aan de signatuur en het jaartal, gegraveerd in het marmeren exemplaar.
Uit artikelen in een aantal dagbladen, verschenen in mei 1844, en uit het boek van Kramm (1857) blijkt dat de marmeren uitvoering op zijn laatst op 18 mei 1844 was voltooid. Hieruit volgt dat het bronzen afgietsel na 18 mei 1844 is vervaardigd, misschien zelfs één of enkele jaren na 1844. Het jaartal 1843 in het voetstuk van het bronzen afgietsel geeft niet het jaar aan waarin het bronzen afgietsel is gegoten maar is afkomstig van het marmeren exemplaar dat gebruikt is voor de bronsgieting.
c. Het ontwerp
Uit de berichtgeving over het marmeren borstbeeld van Willem II en het standbeeld “Willem II Koning der Nederlanden” blijkt dat Geefs tussen december 1842 en de loop van 1843 het model van het marmeren borstbeeld heeft ontworpen en in januari 1844 is begonnen met het ontwerpen van “Willem II Koning der Nederlanden”.
Tussen het marmeren borstbeeld van Willem II en “Willem II Koning der Nederlanden” bestaan een aantal overeenkomsten, zoals de blikrichting van de koningsfiguren en de onderscheidingstekens, met name de twee onderscheidingstekens rechts onder de kraag (voor de toeschouwer: aan de linkerzijde van het borstbeeld en van “Willem II Koning der Nederlanden”). Het bovenste onderscheidingsteken is een uitbeelding van het kruis van de Pruisische Orde van de Rode Adelaar. Het onderscheidingsteken daaronder is een uitbeelding van het kruis van de Russische Orde van Sint-Joris. De andere onderscheidingstekens die zijn uitgebeeld, zijn de Peninsular Gold Cross, het Metalen Kruis (1830-1831) en de ordesterren van de Militaire Willems-Orde, de Orde van Sint-Joris en de Orde van Sint-Vladimir.
![]() | ![]() |
links: bronzen uitvoering gewijzigd model “Willem II Koning der Nederlanden” (Joseph Geefs, 1844)
rechts: inhuldigingsportret ten voeten uit van koning Willem II (toegeschreven aan Jan Adam Kruseman)
KIJKEN NAAR BEELDEN veronderstelt dat Geefs bij zowel het ontwerpen van het marmeren borstbeeld als het ontwerpen van “Willem II Koning der Nederlanden” een en dezelfde afbeelding van Willem II heeft gebruikt waarop de koning staande, ten voeten uit, is uitgebeeld met de blik naar links (voor de toeschouwer: naar rechts) en met de uitbeeldingen van het kruis van van de Pruisische Orde van de Rode Adelaar, het kruis van de Russische Orde van Sint-Joris, de Peninsular Gold Cross, het Metalen Kruis (1830-1831) en de ordesterren van de Militaire Willems-Orde, de Orde van Sint-Joris en de Orde van Sint-Vladimir. Deze afbeelding moet zijn vervaardigd tussen 28 november 1840 (inhuldiging Willem II) en eind december 1842 (opdracht van Willem II aan Geefs een marmeren borstbeeld en een standbeeld te ontwerpen en uit te voeren).
d. De oorsprong van de koningsfiguur
Het Rijksmuseum in Amsterdam, in bezit van een exemplaar van een variant van de einduitvoering in brons van “Willem II Koning der Nederlanden”, heeft laten weten dat “Willem II Koning der Nederlanden” naar haar mening overeenkomt met het portret ten voeten uit van Willem II, toegeschreven aan Jan Adam Kruseman (Haarlem, 12 februari 1804 – 17 maart 1862), dat deel uitmaakt van een particuliere collectie.(3) Op dit portret zijn het kruis van van de Pruisische Orde van de Rode Adelaar, het kruis van de Russische Orde van Sint-Joris, de Peninsular Gold Cross, het Metalen Kruis (1830-1831) en de ordesterren van de Militaire Willems-Orde, de Orde van Sint-Joris en de Orde van Sint-Vladimir uitgebeeld. De rechterhand van de koningsfiguur omklemt een scepter; de linkerhand omklemt een paar handschoenen, net als in het geval van “Willem II Koning der Nederlanden”. De pose van de koningsfiguur van “Willem II Koning der Nederlanden” komt overeen met de pose van de koningsfiguur op het portret ten voeten uit van Willem II dat aan Kruseman is toegeschreven. Een andere opvallende overeenkomst tussen het portret ten voeten uit en “Willem II Koning der Nederlanden” is de verheven plooi in het grootlint van de Militaire Willems-Orde ter hoogte van de ordester van de Orde van Sint-Vladimir, waarvan ter hoogte van de plooi één arm onder het grootlint schuilgaat. Een opvallend verschil tussen het portret ten voeten uit en “Willem II Koning der Nederlanden” is het Grondwetboek. Op het portret ten voeten uit is geen Grondwetboek afgebeeld maar, onder de koningskroon, een opgerold document.
De overeenkomsten tussen de koningsfiguur die aan Kruseman is toegeschreven en “Willem II Koning der Nederlanden” tonen dat het Rijksmuseum het bij het rechte eind heeft wat betreft de oorsprong van de koningsfiguur die Geefs heeft ontworpen: de koningsfiguur zoals die voorkomt op het portret ten voeten uit dat is toegeschreven aan Kruseman.
Kruseman heeft zeven portretten van Willem II geschilderd, waarvan vier ten voeten uit.(4) Het aan Kruseman toegeschreven inhuldigingsportret dat in dit artikel is gesproken, is niet gedateerd en niet gesigneerd.
Een aantal schilders, onder wie Jan Willem Pieneman, hebben op uiteenlopende manieren gebruik gemaakt van de koningsfiguur die aan Kruseman is toegeschreven. Nicolaas Pieneman, de zoon van Jan Willem Pieneman, heeft in 1849 in opdracht van tsaar Nicolaas I een inhuldigingsportret ten voeten uit van Willem II geschilderd, onder gebruikmaking van de koningsfiguur die zijn vader, Jan Willem Pieneman, in 1842 had geschilderd.
Een opvallend verschil tussen “Willem II Koning der Nederlanden” en het marmeren borstbeeld is het niet uitgebeeld zijn op het marmeren borstbeeld van de koorden van de mantel. KIJKEN NAAR BEELDEN vermoedt dat Geefs de koorden achterwege heeft gelaten omdat bij het borstbeeld, in tegenstelling tot bij “Willem II Koning der Nederlanden”, de mantel niet is uitgebeeld.
(1) Algemeen Handelsblad, 9 juni 1842 en 15 augustus 1842. Aan het artikel in de editie van 9 juni 1842 ligt informatie ten grondslag, eerder gepubliceerd in de Spectateur. In dit artikel is Jan Willem Pieneman genoemd als vervaardiger van het portret ten voeten uit. De troonsbestijging is abusievelijk gedateerd op 28 december 1840.
(2) https://rkd.nl/images/176178.
(3) Correspondentie tussen KIJKEN NAAR BEELDEN en Bieke van der Mark (Rijksmuseum Amsterdam, academisch onderzoeker afdeling sculpturen) (https://rkd.nl/images/150314).
(4) Willem II – De koning en de kunst (Sander Paarlberg, Henk Slechte, Zwolle, 2014).
“KONING WILLEM II” (PORTRETGALERIJ “BEELDEN VAN DE RAAD”)

Het marmeren borstbeeld van Willem II dat Geefs heeft ontworpen, toont het hoofd en het bovenste deel van de romp. Ten behoeve van de portretgalerij “Beelden van de Raad” is bij Bronsgieterij Sijen (Beek) een rubberen mal gemaakt van het marmeren borstbeeld. Deze mal is aangesneden door Eric Claus, waardoor een portret ontstond dat dezelfde proporties had als de andere portretten van de galerij.(1)
De bronsgieting vond plaats bij Bronsgieterij Sijen. Een van de armen van de uitgebeelde Pruisische Orde van de Rode Adelaar bleek te zijn afgebroken. Voorafgaand aan de bronsgieting heeft Bronsgieterij Sijen een nieuwe arm aangebracht.(2) Bij “Willem II Koning der Nederlanden” en het bronzen afgietsel van het marmeren borstbeeld is de uitgebeelde Pruisische Orde van de Rode Adelaar niet beschadigd, evenmin als de uitgebeelde medaille van het Peninsular Gold Cross.
In de sokkel is van het portret dat deel uitmaakt van de portretgalerij “Beelden van de Raad” is de handtekening van Willem II gegraveerd.
(1) Beelden van de Raad – De portretgalerij (Den Haag, 2015, p.52).
(2) DVD Beelden van de Raad – Documentaire (Inge le Cointre, Paul Kramer, Den Haag, 2015). Het deel van het marmeren borstbeeld waarop de ook beschadigd geraakte medaille van het Peninsular Gold Cross was uitgebeeld, maakt geen deel uit van de “aangesneden” bronzen uitvoering die deel uitmaakt van de portretgalerij “Beelden van de Raad”.
GIPSEN REPLICA’S

Van “Koning Willem II” zijn een onbekend aantal gipsen replica’s vervaardigd, bestemd voor gemeentehuizen, provinciehuizen en gerechtshoven.
Naar de mening van KIJKEN NAAR BEELDEN zijn deze replica’s vervaardigd in de periode tussen 18 mei 1844 (bericht over voltooid zijn marmeren uitvoering “Koning Willem II”) en 17 maart 1849 (overlijdensdatum Willem II).
Sinds 2015 maakt een gipsen replica van “Koning Willem II” maakt deel uit van de collectie van het Wellington Museum in Waterloo. Deze replica, een geschenk van het Oranje Museum in Buren, is niet gesigneerd. Door de pleisterlagen is niet te zien of het grootlint versiersels had.(1) KIJKEN NAAR BEELDEN gaat ervan uit dat geen van de replica’s van “Koning Willem II” is gesigneerd of voorzien is van een jaartal.
In 2001 is een gipsen replica van “Koning Willem II” in een nis in de buitenmuur van een woning in Wamel geplaatst. Bij verplaatsing in 2021 wegens verbouwingswerkzaamheden is deze replica in stukken gebroken.(2)
(1) Mededeling Quentin Debbaudt, conservator Musée Waterloo, Brussel.
(2) gld.nl, 2 augustus 2025.
TIJDLIJN
Met behulp van de in dit artikel besproken artikelen in dagbladen, diverse dateringen en bevindingen aangaande het proces van ontwerp en uitvoering van Koning Willem III (Johan Theodore Stracké) kan ten aanzien van het proces van ontwerp en uitvoering van “Koning Willem II” een tijdlijn van gebeurtenissen worden opgesteld.
- 22 december 1842: bericht dat Geefs werkt aan een buste van Koning Willem II.
Uit de Bredaasche courant, 21 mei 1844, blijkt dat Willem II Geefs hiertoe opdracht heeft gegeven. Volgens Nederlandse beeldhouwers in de negentiende eeuw (Van Daalen, Den Haag, 1957, p.26) heeft Willem II “kort na de troonsbestijging in 1840” Geefs opdracht gegeven een marmeren borstbeeld te ontwerpen en een standbeeld. Op grond van de berichtgeving in december 1842 neigt KIJKEN NAAR BEELDEN ertoe deze opdrachten te dateren op 1842. - 1843 (vermeld op het bronzen afgietsel van de marmeren uitvoering): het jaar waarin het model (gips, klei) van het marmeren borstbeeld is voltooid.
- 9 januari 1844: bericht dat Geefs bezig is met het ontwerpen van een klein standbeeld van Willem II.
KIJKEN NAAR BEELDEN gaat ervan uit dat hiermee “Willem II Koning der Nederlanden” is bedoeld. Uit het bericht kan worden afgeleid dat Geefs na voltooiing van het model van het marmeren borstbeeld van Willem II is begonnen met het ontwerpen van “Willem II Koning der Nederlanden”. - 17 mei 1844: bericht van “thans voltooid” en getoond zijn van het marmeren borstbeeld en dat een klein standbeeld van Willem II gereed was gekomen, waarvan bronzen afgietsels zouden worden vervaardigd.
De berichtgeving van 17 mei 1844 doet veronderstellen dat het marmeren borstbeeld omstreeks 17 mei 1844 is voltooid en aansluitend gepresenteerd.
Volgens Christiaan Kramm (Amsterdam, 1857, p.138) had Geefs in 1844 marmeren uitvoering voltooid van zowel “Koning Willem II” als “Willem II Koning der Nederlanden”.
KIJKEN NAAR BEELDEN houdt aan dat de aanduiding “fecit 1844” op de bronzen uitvoering van “Willem II Koning der Nederlanden” niet per definitie betrekking heeft op het jaar van bronsgieting, maar wél per definitie betrekking heeft op het jaar waarin het model van “Willem II Koning der Nederlanden” is voltooid. - Na 17 mei 1844: vervaardiging van een bronzen afgietsel van het marmeren borstbeeld; vervaardiging gipsen replica’s tot aan 17 maart 1849.
- 2013-15: vervaardiging van een bronzen afgietsel van het marmeren borstbeeld (aangesneden mal) ten behoeve van de portretgalerij “Beelden van de Raad”.
VARIA

In de collectie van de Koninklijke Verzamelingen te Den Haag bevindt zich een foto, getiteld: “Nederland vijftig jaar onafhankelijk”. Deze foto, hiernaast afgebeeld, is in oktober 1863 gemaakt door Wilhelmus Antonius Johannes (Willem) Matla (Den Haag, 19 september 1838 – 8 januari 1869).
Op de foto zijn borstbeelden te zien van de regerend vorsten in de periode 1813-1863. Het zijn vermoedelijk gipsen exemplaren. Links op de foto: het borstbeeld van Willem II dat Geefs had ontworpen. Midden op de foto: het borstbeeld van Willem I (ontwerper niet bekend). Rechts op de foto: Koning Willem III (Johan Theodore Stracké).
Matla had de foto opgedragen aan Willem III en exemplaren doen toekomen aan de leden van de koninklijke familie. Willem III was erg ingenomen met deze foto en betuigde Matla dan ook zijn dank, waarvan gewag werd gemaakt in de pers. In november 1863 verscheen een advertentie waarin werd gemeld dat de foto bij boekhandelaren kon worden gekocht.(1) De foto toont de borstbeelden zoals ze waren tentoongesteld tijdens de viering van 50 jaar onafhankelijkheid van Nederland.(2)
(1) Zie: https://www.koninklijkeverzamelingen.nl, Nieuw Amsterdamsch Handel- en Effectenblad, 30 oktober 1863 en Nieuw Dagblad van ’s Gravenhage, 8 november 1863. In de Portretgalerij “Beelden van de Raad” bevindt zich een aangesneden bronzen uitvoering van het door Johan Theodore Stracké ontworpen borstbeeld van Willem III (zie: Johan Theodore Stracké: “Koning Willem III” (Den Haag, Raad van State).
(2) https://www.denhaag.wiki.
Zie ook:
– Joseph Geefs: “Willem II Koning der Nederlanden”
Met dank aan:
– Pieter-Bas Beekman (Raad van State, afdeling Voorlichting)
– Bram Donders (junior conservator Koninklijk Huisarchief)
– Quentin Debbault (conservator Musée Waterloo, Brussel)
– Bieke van der Mark (Rijksmuseum Amsterdam, academisch onderzoeker afdeling sculpturen)
– Petra Robben (Stadsmuseum Tilburg, stadsconservator en coördinator Erfgoed Tilburg)
DE PORTRETGALERIJ “BEELDEN VAN DE RAAD”

De portretgalerij “Beelden van de Raad” is een initiatief van de Raad van State en de Prins Willem de Eerste Herinneringsstichting.
Het doel van de portretgalerij is de continuïteit van het constitutionele koningschap zichtbaar te maken en de continuïteit van de band van het vorstenhuis met de Raad van State. In die zin is de portretgalerij een monument.
De galerij omvat beeltenissen van prins Willem van Oranje, lid van de Raad van State, en koning Willem I, koning Willem II, koning Willem III, koningin Wilhelmina, koningin Juliana, koningin Beatrix en koning Willem-Alexander, allen voorzitter van de Raad van State. De beeltenissen van koningin Wilhelmina, koningin Juliana en koningin Beatrix zijn in eerdere jaren ontworpen. De beeltenissen van prins Willem van Oranje en koning Willem-Alexander zijn nieuw ontworpen reliëfs van de hand van Eric Claus, die ook heeft meegewerkt aan de vervaardiging voor de portretgalerij van bronzen beeltenissen van koning Willem I, koning Willem II en koning Willem III, oorspronkelijk vervaardigd in gips of marmer.
Het concept van de opstelling van de beeltenissen is bedacht door cepezed (architectenbureau, Delft), die het nader heeft uitgewerkt in samenwerking met Eric Claus, Mathijs Sommeijer (lichtadviseur, werkzaam bij Deerns, Den Haag) en Tessa van der Waals (grafisch vormgever). De uitvoering werd begeleid door cepezed.
Op 17 november 2015, exact 460 jaar na de toetreding van prins Willem van Oranje tot de Raad van State, is de portretgalerij “Beelden van de Raad” onthuld door koning Willem-Alexander door het plaatsen van zijn digitale handtekening.
Boven de beeltenissen staat een geparafraseerde, uit het Latijn vertaalde zin uit de Oudejaarsrede, de eerste grote rede van prins Willem van Oranje in de Raad van State, uitgesproken op 31 december 1564, waarin hij een pleidooi hield voor vrijheid van geweten en vrijheid van godsdienst: “Toch kan Oranje het niet goedkeuren dat vorsten willen regeren over de zielen van hun mensen en hun vrijheid van geloof en godsdienst willen ontnemen.”.
In de sokkels van de beeltenissen van Willem van Oranje, de vorsten en de vorstinnen is hun handtekening gegraveerd.
Onder de sokkel van iedere beeltenis is de naam van de uitgebeelde persoon vermeld, zijn/haar geboortejaar en indien van toepassing het jaar van overlijden en verder het jaar van ontwerp van de beeltenis, het gebruikte materiaal en de naam van de beeldhouwer.(1)
De portretgalerij “Beelden van de Raad” is ondergebracht in de etalageruimte van de Raad van State aan de Parkstraat. In het meest linker raam van de etalage is een informatiepaneel geplaatst. Door de in de etalage aangebrachte verlichting zijn de beeltenissen ook in de avond en de nacht te zien.
Ter gelegenheid van de onthulling van de portretgalerij “Beelden van de Raad” heeft Eric Claus een penning ontworpen met de portretten van Willem van Oranje en Willem-Alexander.
(1) Ten tijde van het totstandkomen van de portretgalerij “Beelden van de Raad” was het niet bekend dat het gipsen borstbeeld van Willem III dat deel uitmaakt van de collectie van Museum Rotterdam, was ontworpen door Johan Theodore Stracké in 1854 in Rotterdam. In alle publicaties over de portretgalerij en op de sokkel van het borstbeeld van Willem III was vermeld: beeldhouwer onbekend. Bij het uitwerken in juni 2023 van de fotoreportage op KIJKEN NAAR BEELDEN over het borstbeeld van Willem III bleek dat Museum Rotterdam het borstbeeld inmiddels had toegeschreven aan Stracké en gedateerd had op 1854. KIJKEN NAAR BEELDEN heeft bij Museum Rotterdam en de gemeente Rotterdam een en ander nagetrokken en haar bevindingen voorgelegd aan de Raad van State. Naar aanleiding hiervan heeft de Raad van State de bevindingen van Museum Rotterdam overgenomen.
Bronnen:
– Beelden van de Raad – De portretgalerij (R. Ekkart, Den Haag, 2015)
– Komedie en illusie – Eric Claus 80 beeldhouwer (De Schiphorst, 2016)
– De Beeldenaar, jaargang 2016, nr. 2
– https://www.cepezed.nl/nl/project/portretgalerij-raad-van-state/49789/
– https://www.raadvanstate.nl/beeldenvanderaad/
→ Portretgalerij “Beelden van de Raad” (Den Haag)
Willem II: Willem Frederik George Lodewijk, prins van Oranje-Nassau (Den Haag, 6 december 1792 – Tilburg, 17 maart 1849), van 7 oktober 1840 tot aan zijn overlijden op 17 maart 1849 koning der Nederlanden, groothertog van Luxemburg en hertog van Limburg.

